Bier & Trein

Bierreizen, bierfestivals en meer

Appels, druiven en graan

Posted by Treinjan op 30/04/2015

De eerste etappe van m’n voorjaarsreis gaat via Utrecht en Düsseldorf naar Frankfurt. Daarbij neem ik weer eens de route langs de Rijn, langzamer maar veel mooier. Veel bomen en struiken zijn al aan het uitlopen, maar het frisse groen is nog niet zo ver gevorderd dat het uitzicht eronder gaat lijden. Het hotel in Frankfurt is slechts enkele minuten lopen van het centraal station, het inchecken gaat vlot en brengt een verrassing: gratis upgrade naar viersterren comfort.
Voor de avondmaaltijd neem ik recht voor het hotel de tram naar Schwanheim, een stadje dat al een kleine eeuw bij Frankfurt hoort. Hier is nog één traditionele Apfelweinwirtschaft, Mainlust (“Desche Otto”). Bizonder is dat er altijd twéé ciders getapt worden, de standaard “Hausschoppen” en een wisselende, vandaag is dat een Apfelwein met Quitte (kweepeer). Eten en drinken zijn goed en niet duur, Wie iets sterkers wil drinken is hier ook aan het goede adres, er zijn meer dan 150 verschillende Obstbrände en Liköre te verkrijgen, en wie liever een distillaat uit graan wil kan uit circa 70 whiskies kiezen.

Na een rustige nacht een stevig ontbijt, nog wat rondgekeken bij hotel en Hauptbahnhof, dan met de U-Bahn (ondergrondse tram) naar de Bockenheimer Warte. Het is vijf minuutjes lopen naar het Gesellschaftshaus Palmengarten waar de Apfelweinmesse plaatsvindt: Apfelwein Weltweit (verslag).
Ik blijf niet tot het einde, maar ga al eerder terug naar mijn hotelkamer, vooral om mijn voeten wat rust te geven. Dan met de U-Bahn naar Bornheim, een stadsdeel in het oosten van Frankfurt, ook ooit een zelfstandige gemeente. Bij Der Buchwald hebben ze standaard drie verschillende ciders (van 1 Kelterei) op tap, ik probeer er nog twee bij de maaltijd. Er liggen bovendien enkele boeken over appelwijn ter inzage. Op de hotelkamer nog wat thee (coffee and tea-making facilities aanwezig, zoals in Engeland) en dan tijdig naar bed.

Maandagochtend de volgende verplaatsing, eerst tot Freiburg im Breisgau, waar ik naar de Altstadt wandel om te eten in de Ganter Brauereiausschank op de Münsterplatz. Eerst de Urtrunk (4,9 %), lichtgeel en ondoorzichtig, stevige koolzuurprikkeling en veel hop. Daarna Wodan, een donkere (heldere) Doppelbock  van 7,4 vol%, moutig maar niet te zoet, met chocola en carameltonen. Na het eten nog even het Münster in, dan op m’n gemak teruggewandeld met nog een enkel winkelbezoekje. Met de Breisgau S-Bahn rijd ik naar Ihringen am Kaiserstuhl, de warmste plaats van Duitsland. Hier draait alles om wijn, er zijn liefst 19 wijnproducerende bedrijven (en er wordt ook het nodige gestookt). Mijn hotel is het voormalige stationsgebouw van Ihringen, mooie kamer met zicht op de spoorlijn en de Winzergenossenschaft. Een kleine rondwandeling eindigt in het proeflokaal van de Genossenschaft (een coöperatie van wijnbouwers die te klein zijn of geen zin hebben om zelf de volledige wijnproduktie te doen). Daarna avondeten in het restaurant van een van de wijnbouwers, met daarbij een Viertele (0,25 liter karafje) Grauburgunder (pinot gris).

In de kelders

In de kelders

Dinsdagmorgen na een stevig ontbijt met de nijvere dieseltreinen van de BSB/SWEG via Gottenheim naar Endingen, een stadje met een fraaie oude binnenstad. Rondkijken, Kaffee mit Kuchen, nog wat meer rondkijken. Dan verder met de trein naar Breisach, een wat grotere stad aan de zuidwestpunt van de Kaiserstuhl. Het middageten is Zanderfilet in een Riesling-saus, dan ook maar een Riesling erbij, van een Weinberg met de fraaie naam “Oberbergener Baßgeige”, Oberbergen is een wijndorp vrijwel middenin de Kaiserstuhl. Vervolgens naar de Badischer Winzerkeller, een hele grote Genossenschaft van diverse samenwerkende producenten en coöperaties. Hier neem ik deel aan een rondleiding, die begint met een glas Sekt en een film, dan een uitgebreide toer langs grote tanks, de afvullijnen, de opslagruimtes en natuurlijk de kelders met het bizondere spul en heel veel houten vaten, groot en klein. De rondleiding wordt afgesloten met nog een kleine proeverij van twee wijnen. Terug in Ihringen nog een copieuze avondmaaltijd op het terras van een goed restaurant, natuurlijk weer met plaatselijke wijn, ditmaal een Spätburgunder Weissherbst (droge rosé van pinot noir-druiven) plus natuurlijk water.

Woensdagmorgen is het weer tijd om te pakken, maar ik vertrek nog niet uit Ihringen. Deze morgen is een van de vele Brennereien in het dorp geopend voor bezoek. Brennerei Breisacher heeft nog een tweede aantrekkingspunt: de

In de tuin

In de tuin

vroegere tuinderij achter het huis is in de loop der jaren omgetoverd tot een mooie tuin met diverse bizondere bomen en struiken. Dankzij het warme plaatselijke klimaat overleven zelfs palmbomen, verder staan er bijvoorbeeld twee moerbeibomen en een ginkgo. De moerbeibessen belanden net als ander fruit van eigen kweek in de distillerketel, wat in het algemeen kleine hoeveelheden betekent, de moerbeibrand is dan ook helaas op. Wat ik wel erg lekker vind is een (bekroonde) Apfelbrand met houtrijping, dus er gaat een flesje mee. Aan het eind van de ochtend ga ik weer naar Breisach, waar ik de klim naar het Münster maak. De kerk is de moeite waard en het uitzicht van de heuvel waarop deze staat is zeer fraai en reikt van Vogezen tot Zwarte Woud. Daarna een eenvoudige en alcoholvrije lunch, waarna ik op weg ga naar mijn volgende bestemming in Zwitserland.

Donderdagochtend ga ik even kijken in Biberist, waar de al eerder bezochte kleine bierwinkel (Bierhütte) verhuisd is naar een plek vlakbij station Biberist Ost, qua bereikbaarheid voor mij een hele verbetering. Het sortiment is niet heel groot, maar wel interessant.
In de middag reis ik met een omweg naar Bern waar ik een goede kennis tref. Tezamen gaan we naar een bierproeverij in het stadje Schwarzenburg, ten zuiden van Bern. Een plaatselijke bierwinkel (Bierladen Schwarzenburg) heeft in het Schloss een proeverij georganiseerd die meer volgens het idee van een wijnproeverij is opgezet. Men begint met een redelijk standaard Lagerbier, daarna wordt het gaandeweg specialer, waarbij steeds twee of drie bieren (van eenzelfde of vergelijkbaar type) naast elkaar worden aangeboden. De organisatoren zijn duidelijk zeer enthousiast en bieden een lange stroom bieren aan, vergezeld van ruim brood en water, plus wat kaas en vleeswaren. Voor veel van de bezoekers is het zo te zien vrijwel allemaal nieuw, maar ook voor een bierliefhebber met wat meer proefervaring zit er genoeg onbekends bij. Natuurlijk enkele bieren van kleinere Zwitserse brouwerijen, maar ook bieren uit Duitsland, de V.S. en Tsjechië. Daarentegen laten we enkele bieren (Hoegaarden en Guinness bijvoorbeeld) aan ons voorbijgaan, ook om de alcoholinname te beperken. Als we na drie uren weggaan is het hele programma nog niet voorbij, maar we hebben beiden nog een stuk te reizen en willen het niet té laat maken.

Op het wandelpad

Op het wandelpad

Vrijdag is een rustdag, met wat werken aan de computer, kletsen met m’n zus en in de middag een wandeling in de omgeving. Deze dag is ook geheel alcoholvrij, bij de raclette (hmmm…) drink je het best een warme drank, bijvoorbeeld thee. Ook op zaterdag houd ik het rustig, door de harde wind (Bise) is het nogal guur weer, pas als ’s middags de zon doorkomt ga ik weer een stukje wandelen, langs de Emme en de vele vertakkingen van de rivier en zijbeken, die vroeger in Burgdorf diverse molens aandreven en tegenwoordig vele kleine elektriciteitscentrales. Daarbij kom ik langs het Schützenhaus en proef daar het Burgdorfer Weizen. Bij het avondeten in een nabij restaurant drink ik nog een fles van dit Weizenbier; het heeft een frisse bananengeur, de smaak gaat meer richting citrus, de kruidigheid is gematigd.

Zondag staat een bezoek aan het Zürich Bier Festival op het programma, dat plaatsvindt in de grote zaal van hotel en theater Spirgarten in Zürich Altstetten, op goed vijf minuten lopen van station Altstetten: verslag.

Bij de Aareschlucht

Maandag is dan een treindag, om een binnen afzienbare tijd verlopende dagkaart op te maken ga ik weer eens kilometervreten, maar niet zonder wat bier. Eerst via Thun – Interlaken – Meiringen naar Innertkirchen in het Haslital, daar en bij de Aareschlucht even rondgekeken, dan terug naar Meiringen en met de “Interlaken-Luzern-Express” over de Brünigpas. De Zentralbahn (smalspoor) heeft aan de toerit naar station Luzern de laatste jaren veel gebouwd, om dit traject nader te bekijken ga ik ook nog een keer heen en weer naar Stans op de lijn naar Engelberg. Dan van Luzern naar Zürich en daar met de tram naar restaurant Linde Oberstrass voor een hapje eten en twee bieren. Of hier echt gebrouwen wordt is omstreden, het zou ook zo kunnen zijn dat elders gebrouwen wort hier wordt vergist en gelagerd (tanks zijn ruim voorhanden); de bieren (Huusbier en Frühlingsbier) smaken me in ieder geval goed.

Dinsdagochtend wat rommelen, in de middag een wandeling over een stukje van de Alpenpanoramaweg, die van noordoost naar zuidwest door Zwitserland loopt, van Rorschach aan de Bodensee naar Genève. Voor het door mij gelopen deel is de naam in ider geval correct: fraai uitzicht.
Als aperitief voor de avondmaaltijd begin ik aan een halve liter Bier zum Leuen, een speciaal bier van de Burgdorfer Brauerei ter nagedachtenis van Niklaus Leuenberger, een aanvoerder van de boeren uit het Emmental. Het is een min-of-meer standaard Helles, maar gebrouwen van in het Emmental geteelde gerst, met Zwitserse hop (Stammheim).

Op de Thunersee

Op de Thunersee

Woensdag een dagje trein en boot: met de trein naar Thun, boot naar Interlaken, terug met de trein naar Spiez voor het middageten. Daarna met de Lötschberger naar Wallis, kleine wandeling op de Südrampe en dan een biertje van Suonen Bräu in Ausserberg, een ongefilterd Dunkles, mooi moutig, niet zoet, zorgvuldig gehopt en redelijk doordrinkbaar. Dan naar Thun voor het avondeten, daarna grotendeels in het donker via Bern naar huis; bij de maaltijden overigens alleen water.

Donderdag bij het middageten het laatste flesje bier uit Biberist, een pale ale van Müller uit Baden. Frisse hopgeur, gematigd hoppig-bitter op voldoende moutbasis, goed doordrinkbaar, bevalt me. In de middag dan naar Solothurn, om na enkele jaren weer eens de Solothurner Biertage te bezoeken. Onderweg een tussenstop bij het bierwinketje in Biberist om het een en ander aan leeggoed in te leveren. Het festival was geen lang bezoek waard (verslag), heb het niet laat gemaakt.
Vrijdag verlaat ik Zwitserland weer, via Zürich, Schaffhausen en Stuttgart gaat het naar Heilbronn aan de Neckar, een centrum van de Württembergse wijn. Na inchecken de stad een beetje verkend, veel oude gebouwen zijn er niet meer, in december 1944 heeft een bombardement de gehele binnenstad in puin gelegd. Desondanks heeft de stad nog wel enkele sfeervolle plekken, zoals aan de oevers van de rivier. Bij het avondeten (buiten op een terras) vanzelfsprekend lokale wijn (een Spätburgunder Weißherbst) plus water.

Zaterdagmorgen kijk ik verder rond in Heilbronn en direkte omgeving, met benenwagen, bus en vooral tram. Middageten in de Besenwirtschaft van Weinbau & Brennerei Zaiß, gelegen aan de voet van de wijnhellingen in het zuidoosten van de stad. Erbij twee wijnen uit hun vrij grote assortiment, een droge Lemberger en een iets zoetere Muskattrollinger rosé als toetje (plus water natuurlijk). Daarna met de bus terug naar het station en een klein stukje met de tram naar het Süddeutsches Eisenbahnmuseum. In de grote lokomotievenloods en op het terrein ervoor, naast de draaischijf, vind het bierfestival Artbrau plaats (verslag). Aan het eind van de middag verlaat ik het festival weer en ga avondeten in een Indiaas restaurant naast het hotel, met lassi als begeleidende drank. Daarna nog een ritje met tram en trein om het “Karlsruher model” (trams die buiten de stad / het stadscentrum wisselen naar het spoorwegnet en weer terug) nog wat nader te bekijken.

Op de draaischijf

Op de draaischijf

Zondag ben ik om 11 uur weer present bij het festival (zaterdag was meer een voorproefje). Het is nu in de hal minder druk, het mooie weer maakt dat er veel mensen buiten zitten of rondwandelen tussen het tentoongestelde spoorwegmaterieel. Aan het eind van de middag ga ik met de stadsbus naar Sontheim voor avondeten in de Besenwirtschaft van Weingut Bauer. De Wirtschaft is hier een modern lokaal op de eerste verdieping, boven de winkel van de Kellerei. Het is er druk maar voor 1 persoon is er altijd nog wel een plekje te vinden. Twee wijnen geproefd, natuurlijk met water en een hapje eten: eerst een Lemberger Blanc de noirs (witte wijn uit blauwe druiven) en als toetje een Schwarzriesling Weißherbst.
Maandagochtend begint de terugreis met een tramrit (lange-afstandsmaterieel mét toilet) naar Karlsruhe-Durlach, waar ik nog een hapje ga eten in de Durlacher vestiging van Vogelbräu. Het standaard huisbier van alledrie de vestigingen is een ongefilterde zeer hoppige pils die ik vandaag bijna té bitter vindt. Het tweede bier is een Maibock, amberkleurig en naar mijn smaak beter in balans. De brouwerij staat in een aanpalend gebouw en heeft grote ramen, zodat je niet alleen de brouwketels maar ook de distilleerinstallatie kunt zien, er wordt ook bierbrand en whisky geproduceerd. Daarna gaat het via Karlsruhe Hbf, Düsseldorf en Utrecht definitief op huis aan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s