Bier & Trein

Bierreizen, bierfestivals en meer

Wein, bière, Bier und Züge

Posted by Treinjan op 18/09/2013

Rondreis D-CH-D met een uitstapje naar Frankrijk (Mondial de la bière), september 2013

Donderdagmorgen vroeg op weg naar het zuidwesten van Baden(-Württemberg). Overnachten doe ik in het kuuroord Bad Krozingen, maar mijn eerste plaatsje om te bezoeken is het wijnstadje Staufen in het Münstertal. Leuk plaatsje, fraai gelegen aan de voet van een Weinberg (letterlijk), met kasteelruïne op de top.

Staufener Weinberg

Staufener Weinberg

Avondeten in een Straußwirtschaft aan de voet van de Staufener Schlossberg, al hun wijnen komen daarvandaan; je kunt de wijnen per glas (0,1 liter) of per kwartliter-karaf proeven. Min of meer een specialiteit van deze streek is de Gutedeldruif (frans: Chasselas), dus daar begin ik mee. Daarna een Grauburgunder (Pinot gris) en tot slot een Blanc de Noir, een witte wijn uit de rode Spätburgunder (Pinot noir). Alledrie subtiel-fruitige en behoorlijk complexe wijnen, Op het menu staan diverse koude schotels, en enkele eenvoudige warme gerechten, ik kies voor Flammkuchen (de Elzas is vlakbij); het prijspeil is niet veel hoger dan het in een Zoiglstube zou zijn.

Vrijdag per trein via Müllheim naar Mulhouse in de Elzas, een met ingang van dit jaar herstelde verbinding, Dan een eindje met de tram en een stukje lopen naar het Parc des expositions voor een bezoek aan het bierfestival Mondial de la bière. Dit is de Europese tak van een Canadees festival dat al twintig jaar plaatsvindt in Quebec. De eerste keer in Europa was in Straatsburg in 2009, die editie heb ik toen eveneens vanuit Duitsland bezocht (link). Ook in 2010 en 2011 heeft dit festival in Straatsburg plaatsgevonden, vorig jaar uiteindelijk niet. Nu dus een nieuwe poging in Mulhouse.

Het gebouw is vergelijkbaar met dat in Straatsburg, van binnen vind ik het iets minder sfeervol. De toegang is gratis, je dient alleen bonnen (1 euro per stuk) aan te schaffen om de bieren te betalen. Aanschaf van een proefglas (4 euro) is niet verplicht, maar dan krijg je je bier in een plastic bekertje. De tapmaat is steeds 12,5 cl, voor de meeste bieren dien je twee bonnen te overhandigen, enkele gaan voor 1 bon, diverse speciale bieren voor 3 of meer. Grote bierkeuze, vooral ook door de aanwezigheid van enkele importeurs van speciaalbieren. Er is bijvoorbeeld een stand met vele bieren uit het U.K. (geen bieren op cask overigens) en Duitsland, maar ook een met tientallen bieren uit de U.S.A., Italië en Brazilië! Helaas kan niet aan elke stand je glas gespoeld worden. Er zijn ook enkele presentaties, maar omdat deze geheel in het Frans zijn laat ik ze aan me voorbijgaan, daarvoor beheers ik de taal niet goed genoeg.
Aan het eind van de middag ga ik terug naar Duitsland. Nog een tussenstop in Heitersheim waar ik ook weer een Strausswirtschaft bezoek, voor wijn (wederom Gutedel), water en ook weer een (heel andere!) Flammkuchen.

Zaterdagmorgen reis ik door naar Basel, koffer en rugzak gaan in een kluis op station Basel Badischer Bahnhof (het Duitse station in Kleinbasel), daarna weer terug Duitsland in (met een Zwitserse trein!) naar Lörrach, net over de grens. Middageten en twee bieren proeven bij de Brauereigasthof van Lasser, een brouwerij die ik totnogtoe alleen kende als de partner van de huisbrouwerij Fischerstube voor speciale bieren op fles, zoals indertijd het Tut-Ankh-Ueli bier en nu bijvoorbeeld het Pablo-bier, ter gelegenheid van een grote Picasso-tentoonstelling. Bizonder is dat die Ueli-bieren beslist niet volgens het Reinheitsgebot zijn, terwijl de bieren onder eigen naam dat wel zijn. Ik proef een helles Export, behoorlijk hoppig op een goede moutbasis, daarna een dunkles Export, met wat gebrande mout, rood fruit en een vleugje chocola/koffie. Verder is er nog pils uit eigen brouwerij, de Weizenbieren op het menu komen van Maisel (Bayreuth).
Vlakbij is ook een supermarkt, Hiebers FrischeCenter (Edeka), met inderdaad zeer grote vers-afdelingen, en als klap op de vuurpijl een eigen brouwerij. Achter glas staat nabij de kassa’s een Kaspar Schulz Zwei-Geräte-Sudwerk te glimmen. De bieren worden gebotteld, soms in kleine flessen maar ook in grote (1 en 2 liter), er gaat een fles Kellerpils uit de koeling mee. Daarna terug naar Basel en door naar het Emmental.

Dampftriebwagen UeBB

Dampftriebwagen UeBB

De eerste dagen in Zwitserland zijn nog niet erg bierig. Zondag ga ik nog een keer terug naar Basel, want deze dag wordt de 100e verjaardig van het Badischer Bahnhof gevierd. Het begint al bij het SBB-station met pendelritten van een aantal fraaie historische trams. Dan het tentoongestelde bij en in het station uitgebreid bekeken, vervolgens nog wat rondgereden met zowel oude als moderne trams. En ’s avonds staat raclette op het menu, daarbij drink ik thee.
Maandag is een regendag. In de ochtend even met de bus naar Burgdorf om wat chocolade in te slaan (en ja hoor: Aktion!). Ik zie ook dat de Co-op bieren van Brauerei Sudwerk uit het kanton Zürich verkoopt, dus er gaat een fles mee. Dezelfde avond nog geproefd: amberkleurig, vrijwel helder, weinig schuim. Geur: fruitig, hoppig, kruidig. Smaak: moutig, wat zoet, caramel, estertjes, dan komt de hop door en gaat het bitter overheersen, nasmaak is bitter, klein beetje uitdrogend. De brouwer noemt het een Pale Ale, American style (voor liefhebbers van afkortingen: APA). De harde bitterheid gaat op den duur tegenstaan, ik vind het bier wat onevenwichtig, de bittere en de zoete aspecten harmoniëren niet.

Dinsdag is het dan weer tijd voor bier en treinen. Via Solothurn, Olten en Zürich reis ik naar Gossau in het kanton St. Gallen. Doel is de vrij nieuwe huisbrouwerij Freihof, iets buiten het centrum. Een groot gebouw dat van buiten een beetje in historiserende stijl is vormgegeven, van binnen modern. Het is druk als ik binnenkom, ik kijk eerst even naar de brouwinstallatie en inspecteer dan de sanitaire voorzieningen. Als ik weer bovenkom blijkt er precies een tafeltje vrijgekomen te zijn, dus ik kan meteen aanschuiven. Een naar Zwitserse maatstaven heel betaalbaar menu (soep of salade en een hoofdgerecht) en een glas van het seizoensbier “Abendrot”. Roodkoper, klein waasje, moutig, fruitig en aromatisch hoppig met een langzaam opbouwende vrij milde bitterheid. Als ik mijn toetje op heb begint het net te plenzen en te hagelen, dus ik heb geen haast om te vertrekken. De (Nederlandse!) serveerster brengt me de andere drie bieren als proefplankje van 3 maal 0,1 liter. Helles Lagerbier: donkergeel, klein waasje, behoorlijk hoppig met een wat uitdrogend bittertje, op een goede moutbasis met een vleugje fruit. Het Dunkel is bijna robijnrood, moutig, caramel, rood fruit en ook weer redelijk hoppig, goed in balans. Tot slot het Weizen, zelfde kleur als het Lager maar waziger, fruitige geur met iets kruidigs, in de smaak is het citrus, wat kruidnagel en iets banaan, kon wat uitgesprokener.

Gist/lagerkelder

Gist/lagerkelder

Een Nederlander die in Zwitserland brouwerijen bezoekt (en daarvoor de nodige treinkilometers aflegt) is toch wel een beetje bizonder. Als ik belangstelling heb is de Braumeister en bedrijfsleider gaarne bereid me rond te leiden (“hij spreekt toch wél Duits hè”, tegen de serveerster). Het bedrijf is drie jaar geleden van de grond af als brouwerij met restaurant gepland en opgebouwd, met een volledig geautomatiseerd brouwhuis van Kaspar Schulz. In de kelder een schroterij, met moutvooraad van Weyermann. In de lagerkelder een serie gist/lagertanks in twee formaten en de vier taptanks. In de (grote) ruimte daarnaast een afvullerij voor vaten en een bottellijn, er wordt ook afgevuld voor andere brouwerijen uit de omgeving, bijvoorbeeld St. Johann, waar ik enkele maanden geleden nog was. Er worden vier bieren gebrouwen, het trio Helles – Dunkel – Weizen plus een seizoensbier. De Braumeister is zelf nog niet helemaal tevreden met het Weizen, met name de banaan moet wat meer worden. Hij heeft overigens de opleiding Brauer/Mälzer gedaan bij Bitburger, daarna veel gewerkt buiten Duitsland en is afgestudeerd aan de VLB Berlijn.
Terugreis via Weinfelden – Zürich – Olten – Burgdorf, mét vertraging – ook in Zwitserland gaat het wel eens mis.

Voor woensdag is veel regen en wind voorspeld, maar dat valt wel mee, dus ik ga er nog een keer op uit. Via Zürich naar Schaffhausen, kleine rondwandeling door de fraaie Altstadt, dan eten in Restaurant Falken als het gaat spetteren. Falken is de lokale (grotere) brouwerij, er zijn drie bieren op tap. Bij een goede maaltijd proef ik eerst het Stammhaus-bier, blond, vrijwel helder, uitgebalanceerde moutig/hoppig/fruitigheid, zeer doordrinkbaar. Dan bij het toetje het Weizen, met wat citrusfruit, meer tropisch fruit (maar niet uitgesproken banaan) plus kruidigheid, wat vanille en een vleugje kruidnagel maar ook iets peperigs!
Dan nog wat rondgereisd met trein en tram-trein. Eerst oostwaarts naar Stein am Rhein, met uitzicht op wijngaarden, hier in het noorden van Zwitserland maken ze ook lekkere wijn. Daarna zuidwest naar Winterthur, waarbij ik bij station Stammheim hopstaken zie. Vervolgens door naar Zürich Stadelhofen voor een ritje met de Forchbahn, dan via Zürich HB en Burgdorf terug naar huis.
’s Avonds nog een in Lörrach gekocht flesje bier geproefd, Ohne Filter – Extra Herb, een ongefilterd blond bier van Brauerei Waldhaus uit het Südschwarzwald. Zo heel bitter is het bier niet, de bitterheid is zacht en stapelt maar heel weinig. Interessante fruitigheid van de gist, ik moet aan peer denken; zeer doordrinkbaar.

De donderdag is even een wat rustiger dag. In de ochtend nog even naar Burgdorf, dan op uitnodiging van mijn zus middageten in een nieuw klein eethuisje diep in de heuvels van het Emmental. De bierlijst is er heel beperkt, maar valt toch in positieve zin op: naast het bijna onvermijdelijke Feldschlösschen staat er bier in de koelkast van Napf en Burgdorfer, beide bekend. Vlakbij is de Emmentaler Schaukäserei, waar we even rondkijken en een stukje kaas kopen.

De Emme

De Emme

In de middag is het aardig weer, dus nog wat gewandeld langs de Emme, die vol is met erg modderig water (het is vooral een regenrivier). Bij wijze van slaapmutsje proef ik die avond het tweede bier van Waldhaus dat ik uit Lörrach heb meegenomen: Ohne Filter – Naturtrüb. Geel en inderdaad vrij troebel, licht fruitige geur, uitgesproken fruitige smaak, vooral sinaasappel (zoet én bitter) en wat grapefruit, aangenaam uitdrogend bitter, goed doordrinkbaar. Hoewel ondergistend en met alleen gerstemout gebrouwen doet het wat denken aan een meer citrusachtige Weizen.

Vrijdag met mooi weer naar Langnau in het Emmental voor een bezoek aan het Cartoonfestival, een driejaarlijks evenement met een tentoonstelling van vele cartoonisten uit allerlei landen, in een oud fabrieksgebouw nabij het station. Leuk, soms heel raak en alleszins de moeite waard. Het festival wordt ondermeer gesponsord door brouwerij Egger uit Worb (bij Bern), die bijvoorbeeld een speciale serie viltjes uitbrengen. Hun bier wordt ook ter plekke geschonken, dus bij de lunch proef ik een glaasje Albertus, een stevig blond bier, behoorlijk hoppig. Dan nog even bij de Burgdorfer brouwerij langs, die hebben sinds kort een kleine brouwerijwinkel die elke vrijdagmiddag open is. Naast de bieren verkopen ze veel verschillende glazen en pullen, wat kleding en andere souvenirs en distillaten, naast bockbierbrand ook whisky, een vijfjarige. Die avond een bezoek bij vrienden in een plaatsje hoog boven de Thunersee. Aangezien tenminste 1 persoon buiten mijzelf ook van bier houdt gaat de grote fles Kellerpils uit Lörrach mee, deze valt inderdaad in de smaak. Blond, waasje, bescheiden hop – mout – fruit, goed in balans en zeer doordrinkbaar. Verder is er wijn bij het lekkere eten, en malt whisky of cognac bij de koffie.

Zaterdag aan het eind van de morgen naar Solothurn voor een bezoekje aan het brouwerijcafé van Öufi, gevestigd in een bedrijfsverzamelgebouw iets buiten het centrum. Vijf bieren op tap, naast het bekende trio Helles – Dunkles – Weizen een Amber Ale van 5,5 vol%. Inderdaad amberkleurig met een waasje, behoorlijk hoppig op een stevige moutbasis, niet te zoet. Fruitigheid is citrus, met wat sinaasappel en niet te bittere grapefruit. Daarna de Chilbi Bock, 6,5 vol% sterk, donkergeel en ook weer een waasje. Vooral fruitig met wat alcoholwarmte, een beetje perzikenlikeur? Droogt een beetje uit, zacht bittere nasmaak. Erbij een klein hapje: Weisswurst met brood en de goede (zoete!) mosterd.
In de middag komen vrienden van mijn zus langs, die op de terugweg zijn uit Italië, we gaan gevieren eten in een goed restaurant in de heuvels ten noordoosten van Burgdorf en Oberburg. Daar schenken ze ondermeer een ongefilterd Helles, dat voor drie restaurants in die omgeving wordt gebrouwen door Felsenau in Bern. Het bier, dat luistert naar de naam Eibe Trunk komt in beugelflesjes (33 cl) en zou een etiketbier kunnen zijn. Zacht hoppig, ook moutig, en na het toevoegen van de gist opmerkelijk citrus-fruitig; heel doordrinkbaar, ik neem er nog eentje.

Zondag reis ik via Olten en Zürich naar Oberglatt voor de tweede editie van de Unterländer Biertage (verslag).

Maandag pak ik koffer en rugzak weer in en gaat de reis weer noordwaarts. Van Burgdorf reis ik via Olten, Basel en Koblenz naar Treis-Karden in het Moezeldal. Mijn hotel staat in het Ortsteil Treis, aan de overkant van de rivier. Avondeten in een Weinstube, bijna meer een restaurant dan een Strausswirtschaft. Naast de bekende Flammkuchen diverse warme en koude gerechten op de etenskaart. De wijnkaart wordt overheerst door Riesling in drie gradaties van zoetheid/droogheid, in verschillende kwaliteitsklassen en leeftijden. De Rieslingdruif groeit op vele verschillende grondsoorten, elk daarvan levert weer een iets andere wijn op. Standaard is hier een karafje van 2 dl (ook vaak als “Schoppen” aangeduid). Ik proef een Riesling Hochgewachs trocken, subtiel fruitig en vervolgens een Grauburgunder halbtrocken, zeer complex fruitig en kruidig. Eten en wijn zijn goed en heel betaalbaar.
Dinsdagmorgen begint mistig en fris, niet echt verwonderlijk in een rivierdal, eind september. Eerst een bezoek aan Karden, dan per trein via Bullay naar Traben-Trarbach, later terug tot Cochem. Al deze Moezel-stadjes zijn best het aanzien waard en hebben elk zo hun eigen karakter, Cochem is overigens wel érg rijk aan toeristen. Het middageten (in T-T) ging vergezeld van een karafje Weissburgunder trocken. Aan het eind van de middag ben ik in Müden, een deelgemeente van Treis-Karden. Hier bezoek ik een Weingut dat ook heel veel confitures en geleien maakt, een paar potjes kan ik nog wel meesjouwen. Avondeten weer in Treis, in dezelfde Weinstube als maandagavond. De wijn is nu een Riesling Hochgewachs halbtrocken, het eten een lekkere Flammkuchen, om zeg maar de cirkel rond te maken.
Woensdagmorgen dan voor de laatste maal inpakken en op weg, eerst tot Koblenz, waar weinig mist of nevel is, dit in tegenstelling tot het Moezeldal. Ik heb niet zoveel tijd, dus beperk ik me: bus naar Ehrenbreitstein aan de overkant van de Rijn, met de Schrägaufzug (Standseilbahn) omhoog naar de Festung, even rondkijken en weer omlaag. De naam “scheve lift” is juist, het is een automatisch systeem met contragewicht dat vrijwel net zo werkt als een lift, alleen niet gratis. Daarna naar station Ehrenbreitstein, waar je een mooi uitzicht hebt op de rivier, de Altstadt van Koblenz, de Seilbahn tussen de Altstadt en de Festung en niet te vergeten op de scheepvaart (inclusief de pont Koblenz Altstadt – Ehrenbreitstein). Per trein terug naar het Hbf, nog wat eten en drinken inslaan en via Keulen – Utrecht terug naar huis.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s