Bier & Trein

Bierreizen, bierfestivals en meer

Oberpfalz, Franken, CH, Ortenau

Posted by Treinjan op 21/10/2009

Franken en de Oberpfalz, Zwitserland en de Ortenau [oktober 2009]

De heenreis verloopt voorspoedig, de ICE Utrecht – Frankfurt is zeer rustig, daarna wordt het iets drukker. Het weer valt tegen, regelmatig buien, al levert dat soms wel mooie wolkenluchten op. Na Frankfurt naar Würzburg, dan verder (langs Bamberg) naar Münchberg in het noordoosten van Oberfranken, dat de komende dagen mijn uitvalsbasis is.
In de tweede ICE heb ik korte tijd internet-verbinding via WLAN (ja, TreinJan gaat nu ook mobiel het internet op!), maar de trein verlaat spoedig het huidige proeftraject en dan is de pret ten einde: wel een prima signaal in de trein, maar de verbinding met daarbuiten is weggevallen.
De trein is exact op tijd in Münchberg, en het hotel is zo gevonden. Het  restaurant is nog met vakantie, daarom eten in het Italiaans restaurant ertegenover, met Kulmbacher bier – zeer dominant aanwezig in deze streken (Heineken heeft er een grote vinger in de pap).

De volgende morgen na een goed ontbijt via Hof naar Weiden, verder met de bus naar Eslarn, de vijfde plaats in de Oberpfalz met een Kommunbrauerei. Er is hier slechts één gelegenheid waar het bier wordt uitgeschonken, Beim Ströhern (familie Grießl), open vanaf twee uur. Ik ga dus eerst een bodem leggen bij een lokale Gasthof, waar het bier uit Passau komt (Löwenbrauerei).
Dan nog even genoten van het mooie weer en daarna aan de Zoigl. Wat moutzoet (absoluut niet hinderlijk), fruitig en zacht gehopt met een lange nasmaak. Erg doordrinkbaar bier, uitgeschonken in glazen pullen met opdruk (0,5 liter, ook 0,3 zonder opdruk), en eigen viltjes. Prijs van een halve liter: € 1,60.
En zoals vaker, als er geen bord (en een bezem) buiten hing zou je denken dat je zomaar iemands huis binnenloopt. Binnenin is er echter meer een Gasthof-interieur, inrichting is nieuw maar in klassieke stijl, vrij licht. Naast brouwen is ook distilleren een van de vaardigheden die men hier beheerst. Er zijn diverse Obstbrände verkrijgbaar, en bierbrand: Streherndies’l, ik neem een fles mee (“bierconcentraat“).
Elders in het dorp is nog een brouwerij, Bauriedl, die ook in de streek nog wel enige verbreiding heeft. Verder kwam ik nog langs een goed onderhouden gebouw met opschrift “Brauerei Schlaffer”, waar het lijkt  alsof er nog onlangs gebrouwen is, maar helaas, dat is maar (schone) schijn.
Terug met de bus naar Weiden, door naar Wiesau waar ik nog een hapje eet met erbij “Schwarzer Ritter”van de Schlossbrauerei Friedenfels, een ongefilterd Dunkel dat ook als Zoigl door het leven gaat. Dat betreft dus zogeheten “Brauerei-Zoigl”, geen “Echter Zoigl”.

Dan is het 3 oktober, de Tag der Neuhauser Kommunbrauer. Per trein via Hof naar Windischeschenbach. Er is zelfs voor vervoer van het station naar de Marktplatz van Neuhaus (de tweede kern van W.) gezorgd, maar bij dit mooie weer geef ik de voorkeur aan de benenwagen. Ik klim omhoog langs Schloss Neuhaus en kom dus als eerste uit bij de Schafferhof, waar ik buiten van een zeer hoppige Zoigl geniet. Ik zou zeggen dat deze wel eens drooggehopt zou kunnen zijn (Duits: Hopfenstopfen). Daarna Zoigl en een eenvoudige doch voedzame maaltijd in restaurant Zum Heimgarten, ook bekend als Lingl (fam. Bauer). Hier is het bier een fractie minder bitter, ietsje meer fruitigheid wordt bemerkbaar. Als derde is de Zoigl van Teicher (fam. Punzmann) aan de beurt. Deze smaakt eerst even moutzoet, maar dan komt ook hier meteen de hop door. Het is binnen dankzij het mooie weer rustiger dan vorig jaar, hoewel  om diezelfde reden de totale bezoekersaantallen vast niet lager zullen uitkomen.
Hierna ga ik eerst in de brouwerij kijken, waar net een rondleiding begint. Het gebouw heeft afgelopen jaar een nieuw dak gekregen en de gevel is opnieuw bepleisterd. Je mag nu ook naar zolder klimmen om het roestvrijstalen koelschip te bekijken.
Daarna naar Käck’n waar het bier naast hoppigheid ook moutigheid vertoont, plus enige fruitigheid. Vervolgens doorgeschoven naar Bahler, waar het bier het minst bitter lijkt, maar dat kan ook gewoon gewenning zijn, het is beslist wel goed gehopt. Het lijkt me interessant om hier eens een vergelijkende blindproeverij te houden. Zeven bieren uit een en dezelfde brouwketel, maar verschillend vergist en gelagerd – nog afgezien van eventuele verschillen in de brouwsels (andere moutstorting, andere hopgift, eenieder heeft daarbij zo zijn eigen voorkeuren).
Ik laat het bij vijf van de zeven verkrijgbare bieren en reis terug naar Münchberg; eten (heel lekker) in het hotel met nog een pul Mönchshof Kellerbier, uit de beugelfles. Stuk minder hoppig dan de diverse Zoigl-bieren, maar als begeleiding van de maaltijd heel geschikt.

Zondagmorgen aandacht voor het element “trein”, op een andere manier dan anders. Via Hof naar station Kirchenlaibach, waar in Speichersdorf La Stazione te vinden is, een verzameling modelspoorbanen die circa 20 keer per jaar te bezoeken is. Onder meer drie grote banen, die verschillende tijdperken (epochen) weergeven: Reichsbahn (tot WO II), Bundesbahn (jaren ‘60-’70) en hedendaags, alles in schaal H0 (1:87), een baan in N-spoor (1:160), een speelbaan voor de kleintjes, boeken en nog veel meer. Erg leuk.
Van Kirchenlaibach reis ik door naar Neuhaus an der Pegnitz, voor een pul Märzen uit de Kommunbrauerei. Dit kun je qua brouw- en uitschenkwijze ook Zoigl noemen, maar het bier is duidelijk anders: donkerder, moutiger, sterker en gefilterd, zij het zeker niet glashelder.. Daarna naar Bayreuth, voor een stadbezichtiging en de avondmaaltijd met Weihenstephaner bier.

Maandagmorgen eerst naar Hof, om daar de stad nog eens nader te bekijken. Ik ben gauw uitgekeken, ga dan met een boemeltje naar het stadje Selb (“die Porzellanstadt“), dicht tegen de Tsjechische grens. Even de oude stad rondgewandeld (leuk), dan middageten in Brauhaus Ploss. Deze huisbrouwerij is als het ware de opvolger van de voormalige “Exportbierbrauerei Rauh & Ploss”. Twee bieren, Lagerbier, ondergistend, ongefilterd, met een verfrissend citruskarakter. Daarnaast Weizen, met citrus, banaan en een vleugje kruidigheid. Beide bieren zowel in 0,3 als 0,5 literglazen verkrijgbaar. Voor eind van de maand staat Zoiglanstich aangekondigd, ik vermoed als alternatief voor bockbier. De brouwinstallatie is door het gebouw verspreid en deels ingebouwd, daarom niet zo goed te bekijken als een geheel vrijstaande. Vervolgens nog een rondwandeling door het stadje aan de hand van een op het gemeentehuis opgehaalde folder. Als ik terug ben in Hof begint het helaas te regenen. Terug in Münchberg eet ik nog een tweede maal in het hotel, en niet minder lekker. De porties zijn hier fors, vergeet voor- en nagerecht maar.

Dan zit de eerste etappe er alweer op. Maar de afstand naar Bamberg is maar klein, dus kan ik dinsdag een interessante omweg maken. Ik reis per trein naar Wiesau en neem daar de bus naar Mitterteich, waar vandaag de derde Zoiglstube geopend is, Oppl, de andere twee heb ik mei jongstleden bezocht. Een groot pand, direkt aan de Unterer Markt, op 10 meter van de bushalte. Uit het dakraam hangt niet een brouwersster of een bezem, maar een houten cirkel met bierglas. Binnen is het half gevuld, merendeels oudere bezoekers, niet verwonderlijk gezien het tijdstip van de dag. Het bier is amberkleurig, iets wazig, komt in uiteenlopende glazen pullen zonder logo, vrijwel allemaal met deksel. Het is goed gehopt (aromatisch, zachtbitter) en fruitig (citrus) en zeer doordrinkbaar. Prijs per halve liter € 1,70. Eten maximaal 4,30, meestal koude gerechten met brood, enkele warm (zoiets als worst met brood en Kraut = zuurkool). De inrichting is nieuw, wit pleisterwerk en licht hout, keuken met veel RVS, sanitair duidelijk onlangs geheel vernieuwd, hier is heel wat geïnvesteerd. Men verhuurt de ruimte buiten de vaste Ausschankperiodes voor feestjes en dergelijke, dat moet ook wel.
Terug met bus en trein naar Marktredwitz waar ik mijn koffer in een kluis had gestopt, en vandaar via Neurenberg naar  Bamberg. In Spezial is het dit keer kamer zes waar ik mijn tenten opsla. De gelagkamers zitten helemaal vol, daarom eet ik bij het Weissbierhaus verderop in de straat, met een Maisel Weisse uit Bayreuth (erg goed), en als toetje Federweisse, jonge nog gistende en daardoor troebele witte wijn, Frankische natuurlijk; het rode equivalent heet Federrote. Hier moet je niet teveel van drinken, want de rijkdom aan gist kan gevolgen hebben, iets wat beter tot uiting komt in de Zwitserse en Oostenrijkse namen, Sauser resp. Sturm …….

Net als eerder in Münchberg was het op de aankomstavond in Bamberg slecht weer. En net als eerder de volgende dag mooi, zij het dat het nu in Bamberg ook warm wordt. Alvorens eropuit te gaan had ik de voering al uit mijn jack losgeknoopt/geritst, vanaf een uur of elf kon de jas helemaal uit. Rondkijken, wat winkelen, kopje koffie, dan terug naar Spezial. Middageten op de binnenplaats met een glas Lager, het standaard (Rauch)bier. Dan met de bus naar Greifenklau voor een glas bier in de Biergarten: Laurenzi-bier, een donkerder uitgave van het normale Lager, wat moutiger maar nog vrij stevig gehopt. Daarna verplaats ik me naar Keesmann, waar ik ook de avondmaaltijd gebruik, besproeid met Herren-Pils en Sternla Lager. Terug in het centrum nog genoten van Italiaans ijs, het hoeft niet altijd bier te zijn.

De volgende dag eerst nog wat de tourist uitgehangen, daarna per bus naar het stadje Schesslitz. Bij Brauerei Drei Kronen proef ik het standaardbier (“Schaazer Kronabier”), amberkleurig, redelijk hoppig en uitdrogend. Middageten in de nabije Gasthof Goldener Anker die ondere andere bieren van Hartmann (Würgau) voert. Bij de karper een zeer donker bier, Erbschänk, tegen het zwarte aan. Geroosterde mout, klein zoetje en zacht bitter, iets uitdrogend. Tenslotte na een rondwandeling door het plaatsje de topper van de dag, het Vollbier van Barth-Senger. Qua kleur tussen de twee voorgaande in, en een prachtige balans tussen mout, fruit (gist?) en bitter(hop). Een topbier.
Terug in Bamberg nog eens langs geweest bij de Brauereigasthof van Kaiserdom, de grootste Bambergse brouwerij, in het stadsdeel Gaustadt. Het Kellerbier is goed voor bij de maaltijd, die een tikkeltje aan de zoute kant is, maar verder niets bizonders. Beter zijn het Meranier Schwarzbier en de Hefeweizen, maar er zijn in deze kontreien interessantere bieren verkrijgbaar.
Ik heb het de hele dag van buiten droog kunnen houden, maar er zijn zo hier en daar behoorlijke hoosbuien gevallen, bij nog steeds vrij hoge temperaturen.

Vrijdag is het weer prachtig weer, zij het een stuk koeler. Per trein naar Coburg, daar even rondgekeken, dan per bus naar het stadje Seßlach. De stadsmuur is grotendeels behouden, evenals de vier stadspoorten en diverse fraaie gebouwen. Hier staat ook een Kommunbrauerei, dit bier is echter permanent te verkrijgen bij twee Gasthöfe, tegenover elkaar aan het centrale plein. Bij de Roter Ochse drink ik het bier bij de maaltijd. Het bier is amberkleurig, wazig, ietwat wrang-hoppig. Weinig koolzuur, misschien Ungespundet. Na een uitgebreide stadsrondwandeling drink ik er nog een op het plein voor Gasthof Reinwand: hier is het bier slechts licht wazig, moutiger en voller van smaak, met iets meer koolzuur en bevalt me een stuk beter.
Terug naar Coburg, door naar Rödental voor het avondeten bij Brauereigasthof Grosch. Eerst een glas Zwickel, de ongefilterde versie van de pils, redelijk fruitig en hoppig. Daarna de Fuhrmannstrunk, een Dunkles, moutig en ietwat zoet. Het toetje is ermee gemaakt, erg lekker. Het restaurant is goed bezocht en de bereikbaarheid per OV van deze brouwerij is uitstekend, minder dan 1 minuut van het station.
Terug in Bamberg alvast wat opruimen, dan nog even naar beneden om het Ungespundetes te controleren. Dit enige niet-rookbier van Spezial is goed in vorm.

Zaterdag is het tijd voor de volgende verplaatsing, dus inpakken geblazen. De route gaat via Neurenberg – (Stuttgart – Karlsruhe -) Basel – Olten naar Burgdorf. De bierconsumptie gaat de volgende dagen drastisch omlaag, maar het mag ook wel eventjes wat minder. Het onderdeel treinen is daarentegen heel groot.
Na een rustdag drie dagen rondreizen per trein. Dag 1 ondermeer naar Engelberg en over de Brünigpass. Op de tweede treinreisdag weet ik na een bezoekje aan de Neuenburger Jura en de omgeving van de Bielersee een bezoekje aan het Schützenhaus in Burgdorf in te lassen, om het bockbier van de Burgdorfer Gasthausbrouwerij te proeven. Diep bruinrood, moutig, wat gebrand. Begint moutzoet, droogt dan wat uit en eindigt zacht bitter en een beetje gebrand. Alcohol 6,2 vol%. Op dag drie ben ik in de gelegenheid om in Ausserberg in Wallis, hoog boven het Rhônedal, een bier van de plaatselijke Suonen-Bräu te proeven, Gold. Een ongefilterd Helles, dat met gist zeer wazig lichtgeel is. Fris, enigszins citrus-achtig, wat kruidig en  zacht gehopt; doet beetje denken aan witbier, hoewel dit bier ondergistend is, alc% circa 5. De brouwerij staat in de oude dorpskern, maar je kunt het bier zoals ik deed drinken bij Gasthof Bahnhof, inderdaad 20 meter van het station, gelegen aan de Lötschberg-Südrampe.
In deze paar dagen daalt de temperatuur gevoelig. Zondag was het nog aangenaam genoeg om buiten te lunchen, woensdagavond is er al kans op nachtvorst, en dat terwijl het vorige week woensdag in Bamberg nog 25 graden werd!

Donderdag wederom inpakken en aan het eind van de ochtend via Olten en Offenburg naar het stadje Oberkirch in de Ortenau, op de grens van Rijndal en Zwarte woud. Wijn en destillaten (van wijn en van ander fruit dan druiven) is wat ze hier maken. Het hotel ligt tussen de wijngaarden, vanaf het terras kun je tot aan de Vogezen kijken, als het weer meewerkt.
Op de aankomstdag inderdaad alleen wijn en gedistilleerd, op dag twee bier van de Badische staatsbrauerei Rothaus, altijd goed. En ook weer diverse wijnen tijdens een uitgebreide proeverij bij de Winzergenossenschaft Oberkirch. Es muss nicht immer Bier sein ……

Op zaterdag naar Straatsburg voor een bezoek aan het “Mondial de la bière“, zie het afzonderlijke verslag.

Op zondag bezoekjes aan Freudenstadt en Alpirsbach. Freudenstadt is in 1599 gesticht, heeft minstens 1 grote stadsbrand meegemaakt en is in WO II zwaar gebombardeerd. Desondanks is de “oude stad” het aanzien waard, vooral het enorme stadsplein. In Alpirsbach is er een (voormalige) Klosterbrauerei, ik denk erover om brouwerij(-museum) en kloostercomplex bij een volgende gelegenheid te bezoeken. Door de vensters van het brouwerijmuseum is geen brouwapparatuur maar wel een distilleerketel te zien, daar zijn er in deze kontreien héél veel van. ‘s Avonds in het hotel een glas Ulmer Export van brouwerij Bauhöfer uit Renchen-Ulm, iets naar het noorden in het Rijndal. Daarna een Klingelberger, de plaatselijke naam voor Riesling. En het eten is alweer erg lekker.

Maandagochtend naar huis met een omwegje via Heidelberg. Eten bij de Kulturbrauerei in de Altstadt. Vaste bieren zijn een ondergistende Zwickl, een wazig blond bier, behoorlijk hoppig, weinig fruit (ongefilterde pils), en als tweede een Weizen. Ik ga echter voor het seizoensbier, Porter: donkerbruin, moutig, gebrand, koffie en wat chocola. Begint even moutzoet, wordt dan droog, met een lange nasmaak. De bieren maken op mij een goede indruk, het eten is echter niets bizonders (okay, ik ben de laatste paar dagen verwend, maar toch …..).
Daarna een kleine stadswandeling, en dan definitief op huis aan. De rit voert langs de Rijn, een prachtig gezicht bij het zonnige maar frisse weer.

2 Reacties to “Oberpfalz, Franken, CH, Ortenau”

  1. treiner said

    ik trein ook wel veel, maar wist niet dat bierdrinken daar bij hoorde😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s