Bier & Trein

Bierreizen, bierfestivals en meer

Rondreis Duitsland mei 2009

Posted by Treinjan op 23/05/2009

Maandag op een redelijke tijd naar het station, en zonder noemenswaardige vertraging via Schiphol, Hannover en Göttingen naar Erfurt, de hoofdstad van Thüringen. Even oriënteren op het station, dan met de tram naar mijn pension in een nabije buitenwijk. Na installeren en opfrissen met de tram terug naar het centrum, en verder informatiemateriaal verzamelen bij de Tourist Information. Dan een eerste rondwandeling door de binnenstad.
Eten doe ik bij Zum Goldenen Schwan, waar een leuke kleine brouwinstallatie staat te glimmen. Men heeft drie eigen bieren: Pils, Schwarzbier en als seizoensbier Maibock, naar keuze 0,3 of 0,4 liter. Volgens betrouwbare bron wordt hier niet meer gebrouwen en komt het bier uit Weimar. Andere bronnen melden dat gezelschappen er hun eigen bier kunnen brouwen. Hoe dan ook, eten en bokbier zijn goed. Naderhand nog een tweede rondwandeling en dan op tijd naar bed.

Dinsdagmorgen na een goed ontbijt met de tram naar het station, dan de trein naar Weimar en aldaar de bus naar het centrum, alles met 1 kaartje, met dank aan het Verbundtarif. Het is gelukkig wel droog, afgezien van zo nu en dan een paar spetters, maar behoorlijk koud. Na een bezoekje aan de plaatselijke Tourist Information eerst Kaffee mit Kuchen. Daarna kijk ik verder rond in de binnenstad en het aangrenzende park langs het riviertje Ilm, de zon is inmiddels zo nu en dan te zien.
Terug in het centrum neem ik op de Goetheplatz (die naam kom je hier nogal eens tegen) de bus naar huisbrouwerij Felsenkeller voor het middageten. Hier zouden de bieren van gisteravond vandaan komen, wat vast het geval zal zijn: beide gelegenheden zijn van dezelfde eigenaar, en dan is het ongetwijfeld voordeliger om de standaardbieren alleen in de grote installatie te brouwen. In ieder geval: hier wordt gebrouwen, de brouwer is druk bezig. Het Schwarzbier smaakt me prima, evenals het bokbier; hoewel het laatste er hetzelfde uitziet als gisteren, smaakt het een fractie minder moutzoet en iets hoppiger. Maar ik drink het bier bij de maaltijd, dus objectief proeven is dit zeker niet. Tijdens de maaltijd regent het, als ik buiten kom is het weer zo goed als droog.
Terug in Erfurt eerst even terug naar mijn kamer. Dan ga ik nog weer even in de stad rondkijken, en ga dan per tram en benenwagen naar Brauereigaststätte Waldkasino, iets buiten (en boven) de stad. De keuken is hoofdzakelijk italiaans van karakter.Van het huis zijn er vier bieren: Pils, Schwarzbier, Weizen en als seizoensbier weer Maibock. De pils is een Zwickelbier, licht fruitig, bescheiden gehopt. Zeer doordrinkbaar, maar wat flauw van smaak. De Maibock begint caramelzoet, droogt dan uit en blijkt uiteindelijk vervaarlijk doordrinkbaar (6,5 % alc.), daarom houd ik het wijselijk bij 0,3 liter.

Woensdagmorgen op tijd opstaan. Kort na negenen naar Mühlhausen, een fraai oud stadje, hoewel hier de sporen van decennia verwaarlozing duidelijk nog niet alle opgeruimd zijn. Stadsrondwandeling, bezoek aan de VVV, koffie in een Konditorei, het bekende recept. Mühlhausen is vooral bekend van de reformator Thomas Müntzer en de Bauernkrieg (1524-1525). Middageten in Brauhaus zum Löwen, waar die dag ook daadwerkelijk gebrouwen wordt (en ik twee brouwerijrondleidingen zie langskomen). Hier worden een Helles en een Dunkles gebrouwen. Het Helles is licht wazig en behoorlijk gehopt, de brouwer hier heeft wat meer lef, of het smaakpatroon is hier wat pittiger. De brouwerij staat op de voormalige binnenplaats, in een moderne aanbouw van dit complex, met restaurant en hotel. De installatie dateert van 1992 en lijkt me behoorlijk groot voor een huisbrouwerij. Het Dunkel (donkerbruin, wazig) is uiterst doordrinkbaar, moutig maar niet zoet, zacht gehopt met een lange nasmaak.
Terug naar het station en terug richting Erfurt tot Gotha. Er staat een oud model tram klaar, meteen ingestapt. Het trambedrijf van Gotha heeft qua rollend materieel wat weg van een rijdend museum, hoewel de haltes zeker niet ouderwets aandoen, en het bus- en tramstation bij het treinstation hypermodern is. Na de eerste tramrit de oude stad in en rondkijken. Dan de Orangerie en het gigantische Schloss Friedenstein. Ook zeer de moeite waard. Aan het eind van de middag weer de tram in: met de Thüringerwaldbahn (nu gewoon een stadstram) naar Tabarz, een rit van ruim 20 kilometer. Terug in de stad nog een hapje eten; tijd voor iets met traditionele Thüringer Kloße. Het restaurant heeft Gothaer bier, “pils” en Wernesgrüner, “pils legende”, ik probeer allebei. Het bier uit Gotha ruikt goed, maar in de smaak is vooral water terug te vinden. Redelijk blusmiddel voor zout of kruidig eten, maar met hop is men uiterst spaarzaam geweest (Oettinger ….). De Wernesgrüner ruikt identiek, smaakt echter een stuk beter, hier is tenminste de hop aanwezig. Maar al is het misschien een legende, het is daarmee nog niet legendarisch! Hierna met tram, trein en tram terug naar m’n kamer. Als ik daar de in Mühlhausen gekochte stadsgids doorkijk, kom ik daar trouwens ook een foto tegen van de brouwketels in Zum Löwen, dat noem ik nou een goede gids!

Donderdagmorgen laatste ontbijt (in Erfurt), inpakken, afrekenen en naar het station om koffer en rugzak in een kluis te plaatsen. Wolken, regendruppels en koude van de afgelopen twee dagen hebben plaats gemaakt voor zon en een aangename temperatuur. Ik kijk nog een keer in de stad rond: Petersberg Citadel, Dom en Severikirche, Predigerkirche (met orgelbespeling). Aan het eind van de ochtend met de stadsbus naar het Waldhaus, een Gasthausbrauerei. Hier weer het bekende trio: (ongefilterde) Pils, Schwarzbier en Maibock als seizoensbier. Het diepbruine en niet echt zwarte bier is lichtjes gebrand en ook wel gehopt, waardoor de mond iets uitdroogt, dus je drinkt lekker door. De Maibock is amberkleurig (“Bernsteinfarben”), wat fruitig en ook behoorlijk doordrinkbaar, hoewel de extra alcohol waarneembaar is. De keuken is ook hier hoofdzakelijk italiaans getint. Het gebouw heeft vele ruimten, in een nieuwe aanbouw staat de brouwinstallatie, je kunt er ook hier praktisch naast zitten. Naast het gebouw een grote Biergarten, het zal hier op zon- en feestdagen best druk zijn.
Na een kleine wandeling door het bos terug met de bus naar het station. Koffer weer uit de kluis gehaald en via Gera en Weischlitz naar Plauen (Oberer Bahnhof). Naar hotel, daarna stad in met de tram; lopen kan ook, maar met de hoogteverschillen hier is de tram wel zo makkelijk. Even rondkijken (nee, de Tourist Inf. is al dicht), eten in de Ratskeller onder het stadhuis. Op biergebied is hier niet zo heel veel te beleven, het is Sternquell wat de klok slaat. Eerst de pils, goed te drinken, niets bizonders. Er is echter ook Kellerbier. De fles wordt uitgeschonken in een hoge stenen pul, en voor een “Kellerbier” van een Grossbrauerei is het niet slecht. Mout, hop, beetje fruitigheid: als de brouwerij hier meer werk van zou maken zouden ze goed bezig zijn; het valt bij mij in ieder geval in de smaak.

Vrijdagmorgen weer tijdig naar het station, trein via Hof naar Wiesau. Daar een kop koffie en dan met de bus naar Mitterteich, een plaats met een actieve Kommunbrauerei. In tegenstelling tot Windischeschenbach en Falkenberg hier niet zoveel aandacht van gemeente en/of VVV. De Zoigl-Ausschank van dienst heeft een dennentak uithangen, niet een ster. Na foto’s te hebben gemaakt van de brouwerij en de andere twee Zoiglstuben ga ik het bier proeven. Ik val met mijn neus in de boter, of liever in het bier: vanwege het 10-jarig bestaan van Zoigl-Stube Lugert (Boozhaus) is het bier vandaag in de aanbieding: 1 euro per halve liter (normaal 1,70). Amberkleurig, licht waasje, goed gehopt en met een bescheiden fruitigheid: voortreffelijk. En boter? – alleen bij de Brotzeit, niet in het bier. De etenswaren hebben het bekende lage prijspeil (en goede kwaliteit). Er worden allerlei glazen pullen gebruikt, met verschillende logo’s of zonder. Wel eigen viltjes.
Aan het begin van de middag terug naar Wiesau en per trein door naar Windischeschenbach. Ik wandel naar de Marktplatz en ga na enig rondkijken en winkelen een glas Zoigl drinken bij Da Roude / Zum Roud’n, die sinds dit jaar weer meedoet in het Ausschank-programma. Het bier is hier wat lichter van kleur, en minder bitter, het fruitige komt meer naar voren. Het weer is nu zo aangenaam dat ik in m’n overhemd buiten kan zitten, in de schaduw. Ook hier glazen pullen zonder logo, eigen viltje, prijs per halve liter ook 1,70. Onderweg ben ik langs de brouwerij gekomen, het nieuwe dak zit er op.
Vervolgens door naar de Wolframsstuben, een Zoigl-Stube met eigen brouwerij, die net een Biergarten heeft toegevoegd, waar het goed toeven is. Het bier smaakt prima (weer ietsje minder bitter dan het voorgaande), nog een eenvoudig hapje erbij en gezellige conversatie met mijn tafelgenoten, die in tegenstelling tot die in Mitterteich verstaanbaar Duits spreken (Oberpfalzer dialekt is soms nog erger dan Frankisch). Het is weer goed toeven hier, met een Halbe voor 1,60. Als ik terugwandel naar het station begint de lucht er dreigend uit te zien, en kort voor Hof rijdt de trein door een geweldige plensbui. Maar bij het overstappen en in Plauen is het droog, prima geregeld.

Zaterdagmorgen wederom tijdig met een direkte (en drukke) sneltrein naar Leipzig. Eerst de Thomaskirche eens goed bekijken, dan een blik op de Hausbrauerei am Thomaskirche. Ja hoor, Unfiltr. Pils, Schwarzbier, Maibock, maar wat krijgen we nu, ook Weizen! Het is me nog te vroeg voor bier, dus eerst alleen koffie. Verder het centrum bekeken, enkele fraaie gebouwen, maar ertussen ook de nodige smakeloze nieuwbouw, vast niet alleen veroorzaakt door de verwoestingen van WO II.
Eten in de Ratskeller onder het nieuwe stadhuis (pas ongeveer een eeuw oud) met Reudnitzer Naturtrüb. Dat smaakt uitstekend, en op het eten noch op de bediening valt wat aan te merken. Deze kelder is trouwens bepaald niet klein, net als het gebouw erboven. Reudnitz is de grootste lokale brouwerij, dan zijn er drie huisbrouwerijen, Brauhaus Napoleon, Thomaskirche en Bayerischer Bahnhof, de laatste maakt ook Gose. Familienbrauerei Bauer tenslotte leverde de Döllnitzer Rittergutsgose voor Gosenschenke “Ohne Bedenken” waar de heropstanding begon van de Gose, een zurig tarwebier (verwant aan Berliner Weisse), gekruid met keukenzout en koriander. Dit is een traditionele specialiteit, dus niemand doet moeilijk over het Reinheitsgebot, hoewel – het woord bier komt nergens voor op de etiketten …… Inmiddels brouwt Bauer niet meer, de produktie is overgeplaatst naar Hartmannsdorf.
Bij Ohne Bedenken is het bier van het vat vandaag redelijk zurig, enigzins vergelijkbaar met een niet al te zure geuze. Heerlijk bij dit mooie Biergartenweer (in Franken zou men zeggen: Kellerweer). Om de bierinname iets te matigen besluit ik het hierbij te laten, ik neem enkele flessen Gose mee en ga via Gera terug naar Plauen.

Zondag voor de afwisseling wat uitgeslapen, en met nevelig maar droog weer (tijdens het ontbijt regende het nog) de trein naar Cheb in Tsjechie genomen. Daar naar naar de binnenstad gelopen en bij het Touristen Informatiebureau langs, op het grote en zeer fraaie plein dat het hart van het oude centrum van Eger (de Duitse naam) vormt. Vervolgens eerst een hapje gegeten, daarna verdere stadsbezichtiging met een uitgebreid bezoek aan de vesting (Hrad). In de stadswal bevindt zich hier een huisbrouwerij, diep in de fundamenten. Deze is echter niet open, dus drink ik op het terras erboven nog een verfrissend biertje. Daarna teruggewandeld naar het station en dan per trein naar Marktredwitz in Oberfranken. Daar avondeten bij Br. Nothaft, met Zwickl, dat is ongefilterde Helles, en daarna de Zoigl (je zit hier vlakbij de Oberpfalz), die is amberkleurig.

Maandagochtend moet dan toch echt de paraplu tevoorschijn gehaald worden, iets wat tot dusverre niet nodig was. Sneltrein via Hof naar Weiden, waar de zon alweer schijnt. Naar de kleine maar leuke Altstadt, en de boekhandel annex uitgeverij opgezocht om een gids over Zoigl aan te schaffen. Middageten bij de Brauwirt, een huisbrouwerij met restaurant en hotel, die ook twee Zoigl-bieren brouwt.
Aan het begin van de middag terug tot Wiesau en daarvandaan weer met de bus naar Mitterteich voor een bezoek aan Zoiglstube Hartwich. Deze bevindt zich naast een kleine slagerij, de geserveerde vleeswaren vinden gretig aftrek. Het bier wordt hier niet uit de lagertank getapt, maar uit vaten. Vlak nadat ik binnen ben is het vat leeg, dan blijkt er een ingenieus systeem te zijn om de vaten van 50 liter te wisselen. De deur onder het vat gaat open, en het vat blijkt in een klein liftje te staan. Het volle vat komt binnen op een steekwagen, en de lift tilt het weer naar aanslag- en taphoogte. Het aanslaan gaat moeiteloos, er gaat geen druppel verloren, ook niet als tijdens mijn tweede glas het volgende vat alweer aan de beurt is. Niet al het bier gaat in pullen (van glas, diverse modellen, vaak met tinnen deksel), er worden ook siphons van 1 en 2 liter gevuld.
Vervolgens per bus terug naar Wiesau, daar nog een hapje gegeten, met een moutzoet Helles van Zeltbräu uit Hof erbij. Dan via Hof weer terug naar Plauen, waar het weer regent. Tussendoor heb ik alleen in Mitterteich een paar spetters gehad.

Dinsdag is het wederom inpakken geblazen. Ik loop naar het station, plaats mijn koffer weer in een kluis en ga Plauen nog wat nader bekijken. Aan het begin van de middag via Hof – Lichtenfels naar Bamberg.
Was het in Saksen nog zonnig, hier regent het lichtjes, maar gelukkig niet voor lang. Ik heb dit keer een Ferienwohnung gehuurd in de Gartenstad, niet ver van zulke belangrijke voorzieningen als het station en Brauerei Spezial. Na installeren even wat boodschappen gedaan, dan eten bij Spezial. Daarna naar Schlenkerla om Fred Waltman te zien, die hier 3 weken verblijft in een kombinatie van taalcursus en vakantie. Hij krijgt van mij de bestelde flessen Ritterguts Gose uit Leipzig. Het Aecht Schlenkerla Rauchbier Märzen smaakt me al na enkele slokken, vroeger had ik daar vaak een half glas voor nodig. Is het nou wat minder rokerig geworden, of begin ik er eindelijk (dit is m’n 14e bezoek aan Bamberg) aan te wennen?

Woensdagochtend naar Kulmbach en het Bayerisches Brauereimuseum, dat kortgeleden is uitgebreid met een Bäckereimuseum. Het is brouwdag en als ik binnenkom is net de maisch naar de filterkuip (Lauterbottich) overgepompt. Ik klets even met de Braumeister, maak dan de rondgang door het brouwerijmuseum. Bij terugkomst bij de brouwerij is in de glazen ketel mooi te zien hoe de inhoud in lagen is verdeeld, van vloeistof bovenin tot zware vaste bestanddelen onderin. Nu ga ik het voor mij nieuwe bakkerijgedeelte in, ook de moeite waard. Fraai is vooral de op meerdere verdiepingen hier wederopgebouwde oude graanmolen. Als ik weer bij de brouwerij kom krijg ik een glas museumsbier (ongefilterd, amberkleurig, behoorlijk hoppig) en een paar stukjes brood. Nu de meeste wort uit de filterkuip is gezakt wordt de warmwaterkraan opengezet teneinde nog meer moutsuikers uit te spoelen.
Later zal de wort zo’n 70 minuten gekookt worden, dan gekoeld en naar de gistkuip gepompt. Vrijdag wordt deze week nogmaals gebrouwen.
Ik bedank de Braumeister voor zijn uitgebreide uitleg en ga nog even kijken in de museumwinkel. Wat opvalt is dat er in het Bayerisches Brauereimuseum een hele hoek van de winkel allerlei Franken-spullen bevat met zo nu en dan niet bepaald Beier-vriendelijke teksten (Frei statt Bayern en zo). Door naar de Kulmbacher Kommunbräu voor een late middagmaaltijd met Bernstein-bier (en eten met een saus met dat bier) en Maibock. Ook hier wordt gebrouwen en ik zie een emmertje hoppellets in de kookketel gaan.
Terug naar het station en door naar Trebgast. Hier heb ik drie jaar geleden een paar nachten geslapen maar ben toen nooit bij de plaatselijke brouwerij Haberstumpf geweest. Hoog tijd om daar wat aan te doen. Het is een aardig stukje klimmen naar het dorpscentrum, en het is rustig bij de brouwerij, maar het is geen probleem een glas Zwickel te krijgen. Drie jaar geleden deden ze hier nog niet aan, tegenwoordig kan je het alleen hier krijgen en heel soms bij speciale gelegenheden. Hoppig en fruitig, licht moutig, erg lekker. Aan een van de tafels zit een voormalige mecaniciën/chauffeur die heeft geholpen bij het afvullen zijn dorst te lessen (en op zijn praatstoel). Na een gezellig gesprek daal ik weer af naar het stationnetje en rijdt terug naar Bamberg.
Ik nuttig een broodje en wandel dan naar de Bergstadt waar Fred verblijft bij Frank Wetzel in een zijstraat van de Sandstrasse. Ze willen enkele nieuwe bieren proeven en hebben mij daarvoor uitgenodigd. Eerst een Roggenbier, dan twee Weizenbiere, een uit Franken en een uit Oberbayern (de Frankische vinden we het het best geslaagd, wat wel wat wil zeggen). Dan een van de flessen Gose, die bij Fred en mij goed in de smaak valt, maar niet erg bij Frank. Daarna sluiten we af bij Schlenkerla.

Donderdag een rustig dagje. Uitgeslapen, stad in, koffie drinken, wat boodschapjes doen. Eten bij Sternla, vroeger een Maisel-Gaststätte, nu zelfstandig met bieren van verschillende brouwerijen uit Bamberg en omgeving. Dan bij de Tourist Information een Bamberg Card gekocht en informatie ingewonnen over hoe het nu met de Bierschmeckertour zit. Het verlies van Maisel (in 2008 failliet gegaan) blijkt winst voor Schlenkerla. De vijfde tegoedbon voor de rechteroever is nu een Schlenkerla Rauchbier bij het Bamberger Weisbierhaus, de oorsprong van brouwerij Maisel; ook hier schenken ze nu bier van verschillende brouwerijen, en het Weizenbier daar komt nu van Maisel …… uit Bayreuth. Bij de linkeroever-tegoedbonnen doet Klosterbräu al een tijdje niet meer mee, daar is bon vijf toegang tot het Frankisches Brauereimuseum op de Michelsberg. Een bezoekje aan het station om nog wat openbaar vervoersinfo te verkrijgen, dan naar huis voor een hapje eten, enkele huishoudelijke werkzaamheden en het bijwerken van dit verslag. Daarbij nog een Schlenkerla Lagerbier, het niet-rookbier van deze brouwerij en alleen gebotteld verkrijgbaar.

Vrijdagochtend nog weer even de stad in, daarna naar Forchheim en verder met de bus naar Stiebarlimbach voor een bezoek aan Roppelt’s Keller, waar ik Nick uit Erlangen tref, die hierheen is komen fietsen. Deze Keller ligt aan de rand van het bos op goed 200 meter schuin achter de brouwerij, de bushalte ligt voor de brouwerij. Het aangeboden Kellerbier is goed gehopt en smaakt voortreffelijk. Dan (terug) naar Hallerndorf voor een bezoek aan de Dorfkeller van brouwerij Lieberth. Ook hier de bushalte voor de deur, deze zeer traditionele Keller ligt vrijwel midden in het dorp. Het bier hier is wat moutiger, tamelijk fruitig en zeer doordrinkbaar.
Lieberth heeft net als de andere brouwerij in Hallerndorf (Rittmayer) ook een Keller op de Kreuzberg. Daar vind je als derde Friedel’s Keller, sinds kort met eigen brouwerij. De oorspronkelijke brouwerij van Friedel ligt in Schnaid, daar komt deze bus (VGN lijn 265 vanaf Forchheim station) ook langs en omcirkelt op zijn route de Kreuzberg volledig. De halte Stiebarlimbach is ook de dichtsbijzijnde voor de Kreuzberg, Schnaid kan ook.
Tenslotte op Nick’s advies door naar Schlammersdorf om nog een Landbier (van de fles) te drinken bij brouwerij Witzgall. Nog beter zou dit bier van het vat zijn, maar daarvoor moet je op de Keller zijn en die is alleen op zondag open, dan is de Gasthof dicht. Deze laatste heeft overigens de bushalte niet voor de deur, maar er wel vlakbij. Daarna neem ik afscheid van Nick en reis per bus terug naar Forchheim. Tijdens de busrit begint het te regenen, we hebben mazzel gehad.

Zaterdagmorgen na enkele boodschappen naar het E.T.H.-Hoffman-Haus waar een tentoonstelling is over deze schrijver, komponist en tekenaar. Dan Kaffee mit Kuchen, vervolgens een orgelkoncert in de Dom met werken van Langlais, Bach en Franck. Op weg naar mijn tijdelijke woning kom ik Fred nog tegen die vandaag (ook) gewoon de tourist uithangt. Na de lunch naar het Historische Museum in de Alte Hofhaltung op de Domberg, waar een speciale tentoonstelling is gewijd aan de “Lebensader Regnitz”, de rivier door Bamberg. Nog even rondgewandeld op Domberg en Michelsberg, met hulp van de bus, dan avondeten op de Spezikeller, met voortreffelijk hoppige U(ngespundetes) en een prachtig uitzicht over de stad. Ik wandel op mijn gemak naar huis, met onderweg nog een italiaans ijsje. Later, tijdens het bijwerken van dit verslag nog een Gose genuttigd, die voelt zich prima in een Bambergse bierpul met opdruk BierSchmeckerStadt.

Zondagmorgen uitgeslapen, wat huishoudelijk werk verricht, koffie (dat is meestal cappuccino) gedronken en aan het eind van de reeds warme ochtend naar de Laurenziplatz voor een bezoek aan Greifenklau. Een Lagerbier en warm eten, met mooi uitzicht op de Altenburg en veel groen. Dan door naar Mühlendorf, waar ik even naar de Mühlenbräu-Keller kijk die nog dicht is. Ze schenken daar alleen Helles (soms als Pils aangeduid), terwijl in de brouwerij zelf ook Lager en Weisse verkrijgbaar is. Het Lagerbier is amberkleurig, aan de donkere kant, redelijk hoppig en goed in balans.
Na een uurtje door naar Debring waar achter brouwerij Müller een kleine Biergarten is, 50-60 plaatsen. Hier een Michala, helles Zwickelbier, goed hoppig, vergelijkbaar met een U. Dan terug naar Bamberg voor een kleine pauze, water drinken en de jas in de tas stoppen, er hangen in het westen flinke stapelwolken.
Als ik weer op de bus stap is duidelijk dat er een stevige bui zit aan te komen. Via de ZOB (Zentraler Omnibus Bahnhof = centraal busstation) naar Göller in Drosendorf, een kleine brouwerij met een gelukkig grotendeels overdekte Biergarten. Brotzeit en Görgla-bier (Dunkel), een van de seizoensbieren hier naast het gewone lager. De naam komt van de voornaam van de brouwer (en zijn vader, en zijn zoon): Georg. Erg goed, niet heel donkerbruin, behoorlijk hoppig en niet te zoet.
Inderdaad steekt de wind op, iedereen die dat nog niet gedaan had verplaatst zich haastig naar het overdekte gedeelte en kort nadien begint het ook echt te regenen, hoewel het ergste verder noordelijk valt. Als ik naar de bus loop is het weer droog, maar de chauffeur moet zo nu en dan de ruitenwissers gebruiken, en als ik in Bamberg in een internet-cafe zit valt er weer een bui, nu met onweer; een nog zwaardere valt als ik weer thuis ben. Als het weer droog is ga ik nog een Lager (het standaard Rauchbier) drinken bij Spezial en tref daar Frank en zijn vrienden Robert en Ursl (de mensen achter de Fränkische Brauereikarte e.d.) en Jürgen. Er wordt gezellig gekletst terwijl Frank verplicht water drinkt (hij heeft die dag erg van de Lager genoten), we nemen afscheid als Spezial sluit.

Maandagmorgen lekker uitgeslapen, nadien de stad weer in en aan het eind van de ochtend naar Bischberg voor een goede maaltijd bij Zur Sonne, waarbij het Zwicklbier uitstekend smaakt. Terug in de stad door naar Mahrs waar ik geniet van de U die hier vandaag zeer goed is. Ik probeer ook een Dunkles Lager dat ter gelegenheid van het Hoffmann-jaar is gebrouwen, in orde maar niets bizonders.
Daarna nog naar Cafe Abseits voor de Mönchsambacher Maibock (bepaald niet te versmaden) en avondeten. Tenslotte nog een keer naar Schlenkerla om Fred gedag te zeggen. Aan tafel verder nog Fred’s partner Pat en twee mensen van de taalcursus, een Duitser en een Engelse; de voertaal is Engels met een paar woorden Duits ertussendoor.

Dinsdag inpakken en nu echt terug naar Leiden, via Würzburg – Hannover – Schiphol.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s