Bier & Trein

Bierreizen, bierfestivals en meer

Berlijn-Amberg-Bamberg

Posted by Treinjan op 23/08/2007

Op vrijdagmorgen erg vroeg opstaan om de eerste trein naar Berlijn (vanaf Schiphol) te halen. Jan B. voegt zich in Amersfoort bij me. Hij heeft een hotel in Charlottenburg geboekt, strategisch dicht bij het S-Bahn-station. Hotel is in orde, rustig gelegen, de omgeving is wat minder.
Dan naar het festival, met S- en U-Bahn. Ook wel bekend als de “Biermeile”, hoewel het festival zich inmiddels over ruim twee kilometer uitstrekt, op de Karl Marx-Allee tussen de U-bahn (metro) stations Strausberger Platz en Frankfurter Tor. Vergelijkbaar met een Bierbörse, maar op veel en veel groter schaal. Ander verschil: er is een speciale festivalpul, de ProBierKrug, van 20 cl, die door de meeste standen geaccepteerd wordt. De eigen glazen worden ook gebruikt, maar zijn meestal groter (0,3 – 0,5 liter).
We onderbreken het festivalbezoek voor avondeten bij Lemke, dat onder het oost-west stadsspoor ligt, het gesprek stopt regelmatig even als er weer een trein boven ons langsdendert. Eten en bier zijn goed, en de prijs/kwaliteitsverhouding is uitstekend. We keren nog even terug naar het festival, maar het is nu erg druk met zuipers, dus we blijven niet lang.

Zaterdagmorgen kijken we wat rond in de stad, beginnen dan al voor de middag aan wat bieren, met wat hapjes tussendoor bij wijze van lunch. Met de ProBierKrug kun je zeker als je met twee of meer bent een veel groter aantal bieren proberen. Uiteindelijk alleen Duitse en Tsjechische bieren, van een gemiddeld goede tot zeer goede kwaliteit, ik heb maar 1 of 2 keer m’n glas niet leeggedronken. Door regelmatig wat water en voedsel tot je te nemen is het zo goed te doen, ook dankzij het niet al te hoge alcoholgehalte van de geproefde bieren. Het weer werkt ook goed mee, droog maar niet te heet.
Avondeten in een wat duurder restaurant, dat evenwel een prijs/kwaliteitsverhouding kent die je in bijvoorbeeld Amsterdam vast niet zal tegenkomen. Daarna naar Georg Bräu, voor het proeven van de bieren van deze huisbrouwerij. Nog een stuk langs de Spree gewandeld, dan naar de Franziskushof Stuben, voor een glas Bruder Thaddaeus Bräu. Terug naar het hotel en op tijd naar bed.

Zondagmorgen ontbijt, pakken en afscheid nemen. We vertrekken allebei vandaag uit Berlijn, Jan gaat terug naar huis en over enkele dagen door naar Londen voor het GBBF. Ik berg mijn koffers op in het Ostbahnhof en kijk nog wat rond in de stad, kom gek genoeg toch weer op het festival terecht en proef nog een enkel bier. In minder dan 48 uur kom ik dan op 64 bieren van 36 brouwerijen, de drie bezochte huisbrouwerijen niet meegerekend. Al met al een geslaagd festivalweekend, voor herhaling vatbaar. Goed voor een 7½ à 8.

Omstreeks het middaguur vertrek per ICE naar Neurenberg, daar overstappen naar Amberg. Deze stad in de Oberpfalz van ongeveer 40.000 mensen telt 5 commerciële brouwerijen, plus een thuisbrouwer die zo nu en dan ook bier verkoopt. De stad, vroeger hoofdstad van de Oberpfalz (nu is dat Regensburg), heeft een fraaie oude binnenstad, grotendeels autovrij, en voor een groot deel nog omgeven door stadsmuur.
Mijn hotel is net buiten de oude stad, en na inchecken bezoek ik de Bräu Wirt, de tap van brouwerij Winkler. Mooi café en restaurant, met een grote tuin erachter, waar het vanavond goed toeven is.
Het Zwickelbier is vrij donkergeel van kleur, licht wazig, zeer smakelijk. Ook het eten bevalt prima. Hierna nog een rondwandeling door de binnenstad.

Maandag ontbijt op mijn kamer (feitelijk meer een appartementje), dan een bezoekje aan de VVV, daarna naar het station en per trein naar Windischeschenbach. De VVV hier zit in het stadhuis en heeft de nodige info over de Kommunbrauerei en waar het daar gebrouwen bier, Zoigl genoemd, wordt uitgeschonken.
Zoigl komt van Zeiger (teken), wat verwijst naar de brouwersster, die wordt uitgehangen door de Zoigl-Stube van dienst. Ik bekijk de Kommunbrauerei van Windischeschenbach van buiten, dan ook even de kleine brouwerij die verderop zit. Dit is een Zoigl-brouwer die nu een eigen installatie heeft, maar ik kan alleen even door het raam kijken, ze zijn met vakantie. Deze brouwer draait overigens wel mee in het schema, waarbij elk (lang) weekend een of twee “Zoigl-Stuben” open zijn.
Ik eet in het plaatselijke hotel, een van de plaatsen waar je elke dag Zoigl kunt drinken. Eten is goed en goedkoop, de Zoigl is amberkleurig, wat troebel en stevig gehopt. Aldus gesterkt ga ik naar het andere deel van het dorp, W.-Neuhaus, eerst dalend dan klimmend, want ook deze dorpskern ligt een stuk hoger dan de rivier (de Waldnaab). Na even in de schaduw uitgepuft te hebben bekijk ik ook hier de Kommunbrauerei van buiten, en ga dan naar de Ausschank van dienst, “Beim Käck’n”. Op de binnenplaats onder parasols geniet ik van een iets minder bittere Zoigl (meer aromahop), die nog doordrinkbaarder is dan de eerste. De Senior-chef, Herr Schönberger, is zowat 35 jaar de Braumeister van het dorp geweest, zeg maar de 1e brouwer. Hij schuift bij mij aan tafel en zit meteen op zijn praatstoel. In het Kommunbrauhaus wordt nog op houtvuur gebrouwen, het bier koelt gedurende de nacht af in een koelschip en wordt de volgende dag met een tank naar het huis van de brouwer gebracht, waar de vergisting en lagering (in beginsel 2 maanden) plaatsvindt, eventueel met nog wat “Hopfen-stopfen” (drooghoppen). De ontvangst is zeer vriendelijk, ik krijg een fotoboek onder m’n neus en krijg een paar viltjes en ansichtkaarten kado. De menukaart is niet uitgebreid, maar de prijs-kwaliteitsverhouding is fantastisch: broodje voor € 1,50, uitgebreide vleeswarenschotel met brood € 3,80, bier/sappen/water € 1,50, Schnapps 2 euro.
Terug naar Windischeschenbach, de Zoigl-Stube is nog dicht, en zal dat ook blijven, en de Stube die elke werkdag opent is op vakantie, dus blijft alleen nog de Gasthof over (het 2e hotel van het dorp) voor een derde Zoigl. Deze komt uit dezelfde brouwerij als de eerste maar is beslist anders, milder en fruitiger. Daarna wandel ik weer naar het station en reis terug tot Schwandorf, voor avondeten bij Schmidt-Bräu. Ik proef hier een Dunkelweizen (mout, sinaasappel, wat “light fruitella” – snoepachtig maar minder zoet). Even rondgekeken in het plaatsje, en terug naar Amberg

Dinsdagochtend nadere verkenning van de binnenstad vam Amberg, dan aan het eind van de ochtend per trein naar het nabije Sulzbach-Rosenberg. Er zijn hier twee brouwerijen, bij Orth/Fuchsbeck is wel activiteit in de brouwerij, maar de Gaststätte is gesloten, dus ga ik eten bij Sperber-Bräu. Op het terras aan de straat is het goed toeven, en eten en bier zijn prima in orde. Ik neem het drie-gangen-biermenu, met daarbij eerst een glas Leichte Weisse (2,6 %, maar vrijwel net zo vol van smaak als een gewone Weizen), zeer dorstlessend door z’n citrus-karakter, en als tweede bier Dunkler Zoigl, moutig/gistig en fruitig, relatief bescheiden gehopt. Nadien wandel ik door en rond de oude binnenstad terug naar het station en neem de trein terug naar Amberg.
Aan het begin van de avond ga ik naar Kummert-Bräu. Deze brouwerij met restaurant en Biergarten ligt iets buiten de binnenstad. Alleen hier is het Hausbier verkrijgbaar, een amberkleurig Zwickelbier. Kummert produceert een groot aantal Weizen-Biere, maar ook enkele ondergistende, waaronder een Kellerbier, een blond ongefilterd bier dat zeer fruitig is (citrus). Het eten is ook voortreffelijk.
Alvorens mijn bed op te zoeken ga ik nog even bij de “nieuwe” (1998) huisbrouwerij Schloderer langs. Het Helles heeft veel weg van Kummerts Kellerbier.

Woensdagmorgen reis ik via Hersbruck en Marktredwitz naar Cheb (Eger) in Tsjechië. Daar stap ik over op een CD sneltrein naar Plzen (Pilsen); het landschap waar we doorreizen is vrij leeg, veel bos en slechts weinig bebouwing. In Pilsen ga ik eerst naar het brouwerijmuseum, waar ik de rondleiding doe met een papieren gids, in het Nederlands. Daarna een glas ongefilterd bier in het aanpalende café-restaurant (Šenk Na Pàrkanu). Het bier is wazig, goudkleurig en hoppig. Vervolgens naar de brouwerij voor de rondleiding, dit alles op 1 kaartje. Keuze uit Tsjechisch, Engels of Duitstalig. Ik kies de laatste, omdat de engelstalige groep erg groot is en de duitse klein, terwijl de engelse gids een vet accent heeft en de duitse helemaal geen.
We worden met een bus over het terrein vervoerd, krijgen de afvullerij en het brouwhuis te zien. Naast het oude met koperen ketels staat een nieuw met roestvrijstalen. Dan naar de kelders. Er is maar liefst 9 kilometer gang, vroeger vrijwel geheel gevuld met grote foeders voor vergisting en (vooral) lagering, nu is daar nog slechts een klein stukje van over. We krijgen het lagerende bier ook te proeven, gistig, fruitig en hoppig op een bescheiden moutbasis. Na afloop van de rondleiding eet ik in een van de grote kelders op het brouwerijterrein, met een glas donker bier en everzwijngoulash. De meeste bezoekers zijn Tsjechen, hier geen toeristenprijzen.
Daarna terug naar het station, waar ik nog een plaatsje vind in de volle trein uit Praag naar München. Overstappen in Schwandorf en bij aankomst in Amberg meteen m’n bed in, het was een lange dag.

Donderdagmorgen inpakken, bagage in een kluis en nog een keer de stad in. Middageten in Brauereigaststätte Bruckmüller. Hier wordt al sinds 1452 gebrouwen, eerst als Klosterbrouwerij (Franziskaner), in 1802 na de Beierse secularisatie overgenomen door de fam. Bruckmüller. Inmiddels staat de 7e generatie aan de roerstok. Het prima smakende Kellerbier is ook in het hoofdgerecht verwerkt.
Dan met de trein via Neurenberg naar Bamberg, en naar Spezial. De stad in en wat winkelen, voornamelijk de boekhandels. Eten in hotel-restaurant Wilde Rose, vroeger een Brauereigaststätte, nu komt het bier van Maisel. Eten en Kellerbier smaken prima, zeker ook omdat niemand rookt. Er is ook een Wilde Rose Keller op de Stephansberg, net boven de Spezialkeller. Keller en hotel zijn nog eigendom van de voormalige brouwersfamilie.

Vrijdagmorgen op m’n gemak na een uitgebreid ontbijt door de stad rondgewandeld, met een bezoekje aan de Touristinfo, waar ik nog weer een Bamberg-Card aanschaf. Het was m’n bedoeling te gaan eten bij Müller in Debring, maar die zijn met vakantie. Gelukkig is er aan de overkant een Gasthof met bier van St. Georgen uit Buttenheim, dat kan er ook best mee door. Terug in de stad gaat het regenen, tijd voor museumbezoek: het Naturkundemuseum.
Daarna naar Mahr’s in Wunderburg. Ungespundetes, goed te drinken maar niet helemaal zo lekker als de U van Spezial, en Gig, donker bier van het seizoen, dat me erg goed bevalt. ik eet er nog een hapje bij en raak betrokken bij een discussie over Rauchbier aan de aangrenzende tafel. De heren nodigen me uit om bij hen aan te schuiven, maar dat sla ik af, want de Nebenzimmer begint al aardig in een rookhol te veranderen. Ik ga met de bus terug naar de ZOB, nog even bij Bassano langs voor een Italiaans ijsje (had nog geen toetje gehad nietwaar) en naar m’n kamer, dit verslag bijwerken en de planning voor de komende dagen maken, rekening houdend met Ruhetage en weersverwachting.

Zaterdagmorgen een bezoek aan het Historisches Museum in de Alte Hofhaltung op de Domberg. Middageten van de bekende bovengemiddelde kwaliteit bij Zur Sonne in Bischberg, met erbij eerst Helles, en daarna de ongefilterde versie: eerst fruitig (citrus) , dan even moutig en daarna komt de hop door, met een lange zachtbittere nasmaak; bij de Helles bemerk je maar weinig fruitigheid. Het Zwickelbier laat zich lastig tappen, wordt niet gebotteld; je kunt het in een meegebrachte siphon getapt krijgen, dan koel bewaren en binnen 48 uur opdrinken.
In de middag nog wat gewinkeld in Bamberg, daarna met de bus naar Memmelsdorf, voor avondeten en het bier van Höhn. Het bier is een iets minder uitgesproken familielid van de Zwickel van Zur Sonne. Het eten is ook hier prima in orde.

Zondag doe ik rustig aan, wandel rond door de stad en breng de nodige tijd door in verschillende Kellers (Biergarten).
Maandag weer een bezoekje aan een nieuwe plek: via Forchheim reis ik naar Ebermannstadt, een leuk plaatsje in de Fränkische Schweiz, het zeer heuvelige gebied zuidoost van Bamberg. De spoorlijn loopt na Ebermannstadt nog wat verder door in het dal van de Wiesent, maar op dat traject rijdt een Museumsbahn, ik bekijk natuurlijk even het materieel dat op het station te zien is. Daarna door naar de Marktplatz, met eerst een bezoekje aan de plaatselijke Tourist-Information. Bij brouwerij Herbst/Sonne is niemand, dus eten doe ik bij Schwanenbräu, heel lekker. De bieren zijn goed maar aan de veilige kant. Verder rondkijkend in het plaatsje valt op dat er hier ook heel veel distillateurs zitten, wel allemaal kleine bedrijfjes. Fruit in deze regio lijkt meer kans te maken om in de distilleerketel te belanden dan ergens anders. Bizonder is de oude installatie met waterrad die diende om schoon rivierwater door het oude stadsgedeelte te voeren.
Vervolgens terug via Forchheim tot Eggolsheim-Neuses. Vlakbij het station vind je daar distillerderij Blaue Maus. Naast de alomtegenwoordige Obstbrand maakt deze ook al bijna 25 jaar whisky! Het café-proeflokaal is wegens vakantie gesloten, is trouwens normaal alleen vrijdag-zondag geopend, maar de winkel is wel open. Ze verkopen tijdschriften, wat kruidenierswaren en dergelijke, en alle produkten van de distilleerderij. Ik kan aan een heel stel flessen ruiken, en kies – vanwege het gewicht – enkele kleine flesjes whisky (0,20 of 0,25 liter) uit om mee te nemen.

Dinsdag via Lichtenfels naar Kronach. Naar de oude stad gewandeld (en geklommen), met natuurlijk een bezoek aan de Tourist-Info. Het stadje wordt gedomineerd door de geweldige vesting, waar ik een kaartje koop voor de uitgebreide rondleiding. Middageten doe ik in de tuin van een restaurant gelegen op de vestingheuvel, met het plaatselijke bier (Kaiserhof). De rondleiding is zeer de moeite waard. Een deel van de wandeling gaat door de Kasematten, in een onverlichte gang (iedereen krijgt een kaars in de hand). Er zijn mensen die dit stukje liever overslaan …… Terug in stad loop ik nog even langs de brouwerij, maar de Gaststätte is wegens vakantie gesloten. Dan via Lichtenfels terug tot Breitengüssbach, waar ik brouwerij Hümmer wil bezoeken. Helaas ook met vakantie, dus loop ik terug naar het cafeetje naast het station waar ze bier uit Reckendorf hebben (Schlossbrauerei). Met een Helles ga ik achterbuiten zitten, direkt aan de spoorlijn.

Woensdag realiseer ik me dat Maria Hemelvaart natuurlijk ook in deze katholieke regio een feestdag is, vandaar dat ik zo weinig auto’s hoor langsrijden. Na het ontbijt inpakken en naar Würzburg. Bagage in een kluis, OV-dagkaart kopen en de stad in. Deze grootste stad van Unterfranken had ik nog niet eerder bezocht. Ik bekijk diverse interessante plekken aan weerszijden van de rivier, eet op straat en pik ook later nog een terrasje mee (met ijs, ik vind het te warm voor alcohol). Ik moet hier nog eens terug komen voor een bezoek aan het Haus der Frankenwein en de grote vesting boven de stad.
Laat in de middag per ICE terug naar Nederland.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s