Bier & Trein

Bierreizen, bierfestivals en meer

Bamberg en verder

Posted by Treinjan op 30/10/2004

Bamberg, Zwitserland, Saarland en andere bierige bezoekjes

Na bezoek aan familie in Venlo reis ik maandag via Mönchengladbach, Keulen en Würzburg naar Bamberg. Te voet naar Gasthof Spezial. Mijn naam staat vermeld op een schoolbordje, en zonder verdere formaliteiten krijg ik de sleutel van kamer 3.De kamersleutel is tevens de  sleutel voor de voordeur en de deur van het trappenhuis, naast de toegang tot het café/restaurant. Erachter zijn dan twee ruime trappen naar de (tweede) verdieping, waar zich in totaal 7 kamers bevinden. Het hotel is daarmee een stuk kleiner dan overbuur Fässla. De kamer is ruim, brandschoon, en goed gemeubileerd. Wastafel in de kamer, toilet en douche apart. Vanuit het raam kijk ik uit op Fässla, waar ik in mei verbleef met vier vrienden van de Leidse BierProefClub. Vervolgens de stad in, even bij de TouristInfo langs, en daarna de Stephansberg op om eens naar de Kellers te kijken; het is tamelijk mooi weer, dus misschien zijn ze open.

Helaas heeft de Spezi-Keller Ruhetag (wekelijkse sluitingsdag) en de Mahrs-keller Betriebsferien (jaarlijkse vakantie). De Wilde Rose, helemaal bovenaan, is open, maar dit is wat mij betreft de minst interessante: geen bizonder uitzicht, eten en bierkeuze niet fantastisch, bovendien begint het toch wat frisjes te worden. Daarom weer afgedaald, en naar Klosterbräu. Een bij het seizoen passende maaltijd: gebakken karper, met Kartoffelsalat. Erbij een glas Schwärzla. Erna een kleine wandeling voor de spijsvertering, en naar de nieuwe huisbrouwerij Ambräusianum.
Drie eigen bieren, Helles, Dunkel en Weizen, alledrie ongefilterd, in 0,5 of 0,3 literpullen/glazen. Het Helles is fris, fruitig met een wat wrang-bittere nasmaak, niet teveel koolzuur. Het Dunkel is zacht-moutig, lichtgeroosterd, niet zoet, een soort Köstritzer mit Hefe, zeer verfrissend. Het Weizenbier is amberkleurig, lijkt wat op de Helles, maar dan fruitiger. Niet het voor veel Duitse tarwebieren kenmerkende banaan-aroma, eerder perzik/abrikoos-achtig. Het eten is Frankisch, en het prijspeil ook. Twee deuren verder zit Schlenkerla, waarvan het Rauchbier hier ook te krijgen is. Bij de inrichting van het oude gebouw heeft men niet geprobeerd een oude Gaststube (gelagkamer) na te bootsen. De meeste muren zijn witgepleisterd, en het houtwerk is relatief licht van kleur. Veel planten, zowel echte als namaak (op de moeilijker bereikbare plaatsen). De brouwinstallatie staat tegenover de bar; wanneer er gebrouwen wordt, is dit voor iedereen goed te volgen.
Terwijl ik proef en aantekeningen maak komt er een echtpaar bij me aan tafel zitten. Nadat ze besteld hebben raken we al snel in gesprek (dat aantekeningen maken….). Ze blijken de eigenaars te zijn van Brauerei-Gasthof Zur Sonne in Bischberg, een “voorstad” van Bamberg. Inmiddels is een van hun zoons Braumeister. Hij blijkt zijn opleiding deels te hebben gevolgd in Spezial. Ik neem me voor er eens langs te gaan, maar niet deze keer, want morgen zijn ze nog dicht (Ruhetag) en voor woensdag heb ik andere plannen.

Dinsdagochtend wat boodschappen gedaan, daarna de trein naar Hof genomen. Gegeten in Meinel’s Bas, vervolgens even de brouwerij Meinel bekeken, daarna door de binnenstad naar het Bürgerbräu-museum, en weer terug naar het station. Trein naar Neurenberg, daar direkt naar Barfüsser (de maag knort). Van het voorjaar hebben we nogal haastig geproefd, nu kan ik het op m’n gemak doen. Ook hier zowel 0,5 literpullen als 0,3 literglazen (Belgisch fluitglas). Het blonde bier smaakt fruitig, alsof het van hoge gisting is (niet). Lichttroebel, maar geen uitgesproken gistsmaak. Het donkere bier is moutig, iets geroosterd. Naarmate het glas vordert verdwijnt de moutsmaak naar de achtergrond en komt weer fruitigheid op. Het eten is prima en ook Preiswert: ondanks dat ik hier in het relatief dure Neurenberg ben liggen de prijzen niet heel veel hoger dan bijvoorbeeld in Bamberg, en de porties zijn ook hier groot.
Met de trein via Bamberg door naar Ebensfeld. Gasthof-Brauerei zum Schwan is helaas gesloten maar ertegenover schenkt Gasthof Neuner bieren van Pülsbräu uit Weismain. Het Kellerbier, geserveerd in stenen pul is aangenaam zacht, eerst iets zoet, dan bitter met een vleugje gebrande mout. Het blijft lang fris, geen spoor van verschaling. Daarna de trein terug naar Bamberg genomen, en naar bed. Mijn benen laten voelen dat ik aardig wat heb afgesjouwd.

Woensdagochtend eerst de stad in en diverse winkels af. Hoewel nog niet zoveel als Eugène, sla ik toch aardig wat boeken in. Na een tussenstop bij Spezial met de trein naar Zeil am Main. Het plaatsje lijkt eerst niet veel bizonders tot je bij de oude binnenstad komt. Zeil is een oude vrijstad (wie ernaartoe vluchtte was veilig voor vervolging zolang hij in de stad bleef). De Gasthof van Göller heet ook Zur Alten Freyung. De oudste delen van de brouwerij staan ernaast, maar van de huidige brouwerij is aan deze zijde niets te zien, die staat erachter. De inrichting is Frankisch, zeg maar een compromis van Spezial en Keesmann. Het eten is goed, het bier een Dunkles van het vat, ohne Kohlensäureanstich, dat wil zeggen: vat op de toog, kraan erin en tappen maar! Moutig, wat gebrand, bijna een beetje rokerig.
Daarna de binnenstad bekeken en even bij het nieuwste deel van de brouwerij langs. Vanwege de beperkte ruimte in de binnenstad zijn filtratie, afvulling, distributie en kantoor nu gevestigd in een lelijk maar functioneel gebouw op een industrieterrein en daar is niets aan, maar de winkel ernaast heeft nog wel iets van mijn gading.
Terug naar Bamberg en nog wat bier gekocht bij Vroni, een winkeltje dat heel strategisch in de straat naar het station ligt. Daarna per bus naar Gaustadt. Na een korte blik op de Kaiserdom- brouwerij naar de Kaiserdom-Gaststätte, gelegen in de oude brouwerijgebouwen, voor de maaltijd en de bieren. Het eten is uitstekend, de bieren kunnen ermee door, met name het bier dat voor de Röckeleins-Keller gebrouwen wordt.
Als ik buitenkom is het begonnen te regenen. Terwijl ik op de bus wacht wordt het steeds natter, zodat ik de avond bij Spezial doorbreng, daarvoor hoef ik alleen maar 2 trappen af te dalen. Eerst het standaard-huisbier met die heerlijke zachte rooksmaak. Het schuim trekt snel weg, maar het bier blijft heerlijk fris. Daarna een Weizen, mit Hefe, van de fles. Rooksmaak is hier slechts heel licht, maar dit is zeker geen doorsnee-tarwebier. Zeer complex bier in een glas, dat een kruising is van een Weizenglas en een pul.

Donderdag reis ik verder naar mijn familie in Zwitserland. Na een laatste uitgebreid ontbijt inpakken (rugzak en koffer zijn nu heel wat zwaarder dankzij bier en boeken!) en afrekenen. Het regent nog steeds, echt einde-vakantie-weer; maar mijn vakantie zit er gelukkig nog niet op. Spezial in Bamberg is lid van de “Private Braugasthöfe” en ik heb een gids van die club meegenomen. Er blijkt ook een Zwitsers lid te zijn, en aangezien al mijn familieleden die zondag in de ban van de plaatselijke verkiezingen zijn ga ik naar Frauenfeld in NO-Zwitserland om het Brauhaus Sternen te bezoeken. Het weer is niet fantastisch dus ik kijk even rond in de binnenstad en ga dan eten en de diverse bieren proeven. Op dat moment zijn er vier verkrijgbaar; Huusbier (= huisbier) Hell, Huusbier Schwarz, Hefe-Weissbier en Brauhaus Spezial. Alle zijn gelukkig ook in kleinere glazen te krijgen (0,25 / 0,30 liter). Het Schwarzbier en het Weizen zijn redelijk uitgesproken van smaak, de andere twee zoals vaker in de Duitse (nieuwe) huisbrouwerijen wat vlak. Sternen is nieuw, maar wel gevestigd in een ouder pand waar vroeger ook een brouwerij in heeft gezeten. De inrichting is zodanig dat je met wat trappenlopen van boven naar beneden alle brouwinstallaties kunt bekijken.
Verder is het Zwitserse deel van mijn vakantie niet erg bierig, maar ik drink nog wel enkele uit Bamberg en Zeil meegebrachte bieren op. Er moet per slot van rekening wat ruimte in de koffer gemaakt worden voor chocola en kaas …..

Het weekend na mijn thuiskomst is er een festival in Marbehan, in de Belgische provincie Luxemburg. Vanuit Leiden is dat wat erg ver, daarom heb ik logies geprobeerd te regelen in Trier, net ten oosten van Luxemburg (het Groothertogdom). Daar is in die tijd de Bundesgartenschau (soort Floriade), dus uiteindelijk kom ik uit in Dillingen, een eind naar het zuiden in het Saarland. Na weer een bezoekje aan Venlo reis ik zaterdag eerst via Düsseldorf, Koblenz en Trier naar Dillingen. Na het inchecken terug naar het station en een eindje terug in noordelijke richting, naar Mettlach. Daar is een huisbrouwerij, de Mettlacher Abtei Bräu. Die blijken dan ook nog een soort Oktoberfest georganiseerd te hebben met een aantal andere kleine brouwerijen uit de omgeving. Omdat ik honger heb (en de muziek me niet zo aanstaat) eerst naar binnen. Een stevige maaltijd en 2 bieren. Het huisbier, een zeer troebele Zwickel, is zeer doordrinkbaar maar wat vlak, het Erntebier (oogstbier) wat hoppiger. Ondertussen worden steeds weer flessen met het huisbier afgevuld voor vaste klanten, 1 en 2-liter beugelflessen. Als ik buiten kom is de muziek voorbij en is er niet meer zoveel publiek. Ik maak van de gelegenheid gebruik en proef nog een aantal biertjes van Zils, Machern en Mannebach. Vooral het ongefilterde bier van de laatste is voortreffelijk.

Zondag reis ik via Trier en Luxemburg naar Marbehan. Het festival wordt gehouden in een grote tent op een sportveld, een kwartiertje van het station. Ik tref er enkele bekenden en we proeven een tiental Waalse, Franse en Engelse bieren – een kleine engelse brouwerij is ook van de partij. Op de terugweg naar mijn slaapplaats Dillingen stap ik nog uit in Merzig waar ik nog een bezoekje afleg aan een andere huisbrouwerij, het Saarfürst Merziger Brauhaus. Weer de bekende bierlijst: helles, dunkel, weizen en een seizoensbier. Niets mis mee, maar zoals zo vaak naar mijn smaak te vlak, te weinig eigen karakter.

Op maandag reis ik met een omweg naar huis. Ik ga eerst naar Saarbrücken, doe mijn koffer in een kluis op het station en ga de binnenstad bekijken. Eten en drinken doe ik in Zum Stiefel. Dit is een complex met een restaurant en een eetcafe annex huisbrouwerij, eigendom van de grotere brouwerij Bruch. Je kan dus bieren uit twee verschillende brouwinstallaties proeven. Ik beperk me tot die uit de huisbrouwerij. Hier is een brouwer aan het werk met wat meer lef, zowel het Hell als het Dunkel zijn stevig gehopt en bevallen me prima. Daarna zit het weekend er echt op, ik reis via Forbach – Metz – Luxemburg – Brussel – Den Haag terug naar Leiden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s